Import van tegels en natuursteen: meer regels, meer bewijs
Voor de tegel- en natuursteensector is vooral belangrijk om de verschillende systemen niet door elkaar te halen. CBAM geldt vandaag niet voor keramische tegels of natuursteen zelf. De impact voor de sector zit vooral in bepaalde nevenproducten, zoals aluminiumprofielen en staalproducten, en in mogelijke toekomstige uitbreidingen. Voor natuursteen is dan weer vooral de nieuwe dwangarbeidverordening relevant.
Antidumping blijft bepalend voor keramische tegels
De belangrijkste financiële impact bij de import van keramische tegels blijft voorlopig het antidumpingregime. Voor Chinese tegels werden de maatregelen in februari 2024 opnieuw verlengd tot februari 2029. Het tarief bedraagt afhankelijk van de producent 13,9 tot 36,5 procent voor bepaalde individueel vermelde producenten, 30,6 procent voor andere meewerkende ondernemingen en 69,7 procent voor ondernemingen waarop het algemene resttarief van toepassing is.
Voor India en Türkiye gelden sinds februari 2023 eveneens definitieve antidumpingrechten. Voor India lopen de tarieven van 6,7 tot 8,7 procent. Voor Türkiye gaat het van 4,8 tot 20,9 procent. Ook hier is het dus niet voldoende om alleen naar het land van oorsprong te kijken: de identiteit van de producent bepaalt mee welk tarief wordt toegepast.
Dat heeft een directe commerciële consequentie voor groothandelaars. Een offerte van een producent kan er op het eerste gezicht bijzonder aantrekkelijk uitzien, maar de uiteindelijke landingsprijs wordt bepaald door de combinatie van aankoopprijs, gewoon douanerecht, antidumpingrecht en de correcte douaneclassificatie.
Bovendien is een geldige factuurverklaring essentieel om een producent-specifiek tarief te kunnen toepassen. Ontbreekt de vereiste verklaring of is ze niet correct, dan kan het hogere resttarief worden toegepast. De importeur moet daarom kunnen aantonen van welke producent de goederen daadwerkelijk afkomstig zijn en welke aanvullende TARIC-code daarbij hoort.
Dat maakt aankopen via tussenhandelaren potentieel risicovoller. Een leverancier die zich enkel als distributeur presenteert, volstaat niet noodzakelijk als bewijs van de feitelijke producent. De importeur moet de keten voldoende kunnen documenteren.
Türkiye: douane-unie is geen vrijstelling van antidumping
Voor Turkse tegels bestaat een bijkomende nuance. Dankzij de douane-unie tussen de EU en Türkiye kunnen goederen die aan de voorwaarden voldoen met een A.TR-certificaat zonder het normale invoerrecht worden ingevoerd. Dat betekent echter niet dat ook het antidumpingrecht vervalt. Het antidumpingregime blijft afzonderlijk van toepassing.
Voor de Belgische importeur is het daarom belangrijk om het A.TR-certificaat en de gegevens die nodig zijn voor de antidumpingbehandeling niet als één en hetzelfde te beschouwen. Het ene kan het gewone douanerecht beïnvloeden, het andere het aanvullende handelsbeschermingsrecht.
CBAM: niet op de tegel zelf
Een hardnekkig misverstand is dat keramische tegels sinds 2026 onder CBAM zouden vallen. Dat is niet het geval. Het definitieve CBAM-regime geldt sinds 1 januari 2026 voor geselecteerde goederen uit zes sectoren: cement, ijzer en staal, aluminium, meststoffen, elektriciteit en waterstof. Keramische tegels en natuursteen behoren daar momenteel niet toe.
Voor de tegel- en natuursteensector kan CBAM wel degelijk relevant zijn. Een groothandel die bijvoorbeeld aluminium profielen of bepaalde staalproducten rechtstreeks uit een derde land invoert, kan met CBAM te maken krijgen. Ook geïmporteerd cement kan onder het systeem vallen. De exacte behandeling moet telkens aan de hand van de GN-code worden gecontroleerd.
Vanaf 2026 geldt voor de meeste CBAM-goederen een jaarlijkse massadrempel van 50 ton. Wie daarboven uitkomt, moet over de vereiste CBAM-status beschikken. De eerste jaarlijkse aangifte over de invoer van 2026 moet tegen 30 september 2027 worden ingediend.
Voor een tegelgroothandel betekent dit vooral dat het zinvol is het volledige importassortiment te screenen. Niet alleen tegels en natuursteen moeten worden bekeken, maar ook profielen, bevestigingsmiddelen, metalen onderdelen en andere rechtstreeks ingevoerde producten. De CBAM-verplichtingen worden immers bepaald door de douanecode van het product en niet door de sector waarin de importeur actief is.
Nieuwe CPR verhoogt verantwoordelijkheid van importeur
Ook de nieuwe Construction Products Regulation, Verordening (EU) 2024/3110, is sinds 8 januari 2026 van toepassing, zij het met verschillende overgangsbepalingen. Bestaande geharmoniseerde normen die op 8 januari 2026 van kracht waren, kunnen onder de overgangsregeling geldig blijven totdat ze worden ingetrokken of vervangen.
Voor keramische tegels blijft EN 14411 daarom belangrijk zolang de norm binnen het toepasselijke kader geldig is. De nieuwe CPR legt tegelijk duidelijkere verantwoordelijkheden bij de importeur. Die moet onder meer nagaan of de fabrikant de vereiste technische documentatie heeft opgesteld, of de CE-markering aanwezig is en of de vereiste prestatie- en conformiteitsverklaring beschikbaar is. Ook moeten de gegevens van de importeur correct worden vermeld.
Voor een Belgische groothandel die rechtstreeks buiten de EU aankoopt, is dat een belangrijk verschil met de situatie waarin hij enkel als distributeur optreedt. Wie zelf als importeur in de zin van de CPR optreedt, draagt een eigen verantwoordelijkheid voor de conformiteit van het product.
Dwangarbeid wordt een nieuwe aankoopfactor
Vanaf 14 december 2027 wordt ook Verordening (EU) 2024/3015 inzake producten die met dwangarbeid zijn vervaardigd van toepassing. De regeling geldt sectoroverschrijdend en verbiedt producten die met dwangarbeid zijn gemaakt op de EU-markt te brengen of beschikbaar te stellen, en verbiedt ook de uitvoer ervan.
Dat is vooral relevant voor natuursteen. Waar het antidumpingregime zich beperkt tot bepaalde keramische producten uit specifieke landen, kijkt de dwangarbeidverordening niet naar een bepaalde productsector of een beperkt aantal herkomstlanden. De volledige productieketen kan relevant zijn, van grondstofwinning tot verwerking.
De Europese Commissie lanceerde op 30 juni 2026 al een voorbereidingspakket en een Single Portal. Bedrijven worden aangemoedigd om nu al hun toeleveringsketens in kaart te brengen en risico's op dwangarbeid te identificeren.
Voor natuursteen betekent dit dat informatie over groeve, land van winning, verwerker en verdere toeleveranciers steeds belangrijker wordt. Certificaten of verklaringen van een leverancier kunnen daarbij nuttig zijn, maar een onderneming doet er verstandig aan ook zelf voldoende inzicht te hebben in de keten. De verordening bevat momenteel geen algemeen, uniform aangiftesysteem dat iedere importeur vooraf voor elke zending moet invullen. Wel kunnen bevoegde autoriteiten tijdens een onderzoek informatie over de keten en de manier waarop risico's worden aangepakt opvragen.
Douane wordt steeds meer datagedreven
Naast de inhoudelijke handels- en productregels verandert ook de manier waarop de Europese douane werkt. De EU heeft in 2026 een akkoord bereikt over een grondige hervorming van de douane-unie. Daarbij wordt een Europese douaneautoriteit opgericht en komt er een centrale EU Customs Data Hub die gegevens uit verschillende douanesystemen moet samenbrengen. De nieuwe autoriteit krijgt haar zetel in Lille en zal vanaf 2027 operationeel worden.
Voor importeurs betekent dat vooral dat consistente productdata belangrijker worden. GN-code, producent, oorsprong, gewicht en productomschrijving moeten onderling overeenstemmen. Een fout die vandaag nog beperkt blijft tot één aangifte, kan in een meer gecentraliseerd datasysteem sneller zichtbaar worden over verschillende zendingen heen.
Dat geldt des te meer voor antidumping. Wanneer een importeur een producent met een specifiek tarief opgeeft, moet die informatie overeenstemmen met de factuur, de TARIC-code en de feitelijke oorsprong van de goederen.
Oorsprong wordt strategischer
De combinatie van handelsbescherming en oorsprongsregels maakt de keuze van aankoopland steeds belangrijker. Een tegel die via een derde land wordt verscheept, verandert niet automatisch van oorsprong. Enkel ompakken, opslaan of doorvoeren volstaat niet om de oorsprong te wijzigen.
Ook voor natuursteen kan de oorsprong commercieel interessanter worden. Voor Brazilië wordt het EU-Mercosur-interimakkoord sinds 1 mei 2026 voorlopig toegepast. Het akkoord voorziet in geleidelijke tariefverlagingen en oorsprongsregels, waardoor bepaalde Braziliaanse producten op termijn competitiever kunnen worden. Voor de toepassing van preferentiële tarieven blijft een correct oorsprongsbewijs noodzakelijk.
Wat moet de importeur vandaag op orde hebben?
De essentie is niet dat iedere groothandel een batterij nieuwe formulieren moet bijhouden. Wel moet hij per product en leverancier kunnen aantonen wat hij invoert, wie het werkelijk heeft geproduceerd, waar het product vandaan komt en welk douaneregime van toepassing is.
Voor keramische tegels betekent dit dat de producent, de aanvullende TARIC-code, de vereiste factuurverklaring en de correcte GN-code op elkaar moeten aansluiten. De technische gegevens, waaronder de waterabsorptie die een rol speelt bij de classificatie van bepaalde keramische tegels, moeten eveneens beschikbaar zijn.
Wie rechtstreeks CBAM-goederen invoert, moet daarnaast de jaarlijkse massa opvolgen en de vereiste emissiegegevens kunnen verzamelen. Voor natuursteen wordt het vooral belangrijk om nu al werk te maken van traceerbaarheid in de toeleveringsketen.
De financiële gevolgen van een fout mogen daarbij niet worden onderschat. Volgens het Douanewetboek kan een douaneschuld in principe nog tot drie jaar na het ontstaan ervan worden meegedeeld, met uitzonderingen onder meer wanneer strafrechtelijke procedures aan de orde zijn.
Niet één nieuwe regel, maar nieuw importmodel
Voor de tegel- en natuursteensector verandert de import dus minder door één spectaculaire nieuwe heffing dan door de optelsom van verschillende verplichtingen. Antidumping blijft voor keramische tegels de directe prijsfactor. CBAM raakt bepaalde randproducten, maar niet de tegel of natuursteen zelf. De nieuwe CPR verhoogt de verantwoordelijkheid van de importeur voor productconformiteit. En vanaf december 2027 komt daar een veel bredere controle op dwangarbeid in de productieketen bij.
De praktische boodschap voor groothandelaars is dan ook eenvoudig: weet wie uw producent is, ken de oorsprong van uw goederen, gebruik de juiste douanecode en zorg dat de bewijsstukken overeenstemmen met de werkelijkheid. Wie die basisdata vandaag goed organiseert, is niet alleen beter beschermd tegen navorderingen, maar is ook beter voorbereid op de meer datagedreven Europese douane van de komende jaren.
Voor de tarieven en douanecodes blijft controle per concrete zending noodzakelijk. Handelsmaatregelen, producentenlijsten en TARIC-codes kunnen wijzigen. Dit artikel is daarom informatief en vervangt geen individueel douane- of juridisch advies.