Worden alle meerwerken automatisch vergoed?

Om dit na te gaan, is het van belang de bepalingen van de contractuele documenten na te gaan.

Om na te gaan of uitgevoerde meerwerken moeten worden vergoed, is het van belang in eerste instantie de bepalingen van de contractuele documenten na te gaan: daarmee bedoelen we zowel de offerte, als het aannemingscontract, de bepalingen van het lastenboek, de orderbevestiging, enzovoort.

We maken een onderscheid tussen 3 mogelijkheden

1) Vermoedelijke hoeveelheden (VH)

Wanneer u als aannemer een offerte heeft opgesteld met vermoedelijke hoeveelheden en de overeenkomst met de klant wordt gesloten op basis van deze offerte, dan zijn alle verrekeningen mogelijk. De werken moeten dan aangerekend worden in functie van de werkelijk uitgevoerde hoeveelheden. Ook wijzigingen en meerwerken kunnen gefactureerd worden. Dit is een overeenkomst tegen prijslijst of een overeenkomst tegen vermoedelijke hoeveelheden.

2) Absoluut forfait

Bij een absoluut forfait, war in praktijk minder voorkomt, wordt de overeenkomst gesloten tegen een vaste absolute prijs. Dit vereist wel een duidelijk omschreven werk dat moet uitgevoerd worden volgens een definitief plan. Er kunnen geen wijzigingen meer aangebracht worden, behalve mits een gezamenlijk akkoord tussen klant en aannemer.

3) Relatief forfait

Bij een relatief forfait verbindt de aannemer zich eveneens om een bepaald werk uit te voeren tegen een vaste prijs maar met het verschil dat de opdrachtgever zich het recht voorbehoudt om wijzigingen aan te brengen die dan zullen verrekend worden aan de hand van een lijst met eenheidsprijzen. Bij een relatief forfait worden enkel de posten verrekend waar de opdrachtgever een wijziging heeft aangebracht. Alle andere posten blijven forfaitair zoals voorzien in de offerte of in de overeenkomst.

Schriftelijke toestemming

In praktijk komt het vaak voor dat meerwerken mondeling worden bevolen zonder dat er voorafgaandelijk een prijs is overeen gekomen of zonder dat er een schriftelijke bestelling is gebeurd. Op de werf is het uiteraard niet evident om tijdens de uitvoering van de werkzaamheden een schriftelijke bevestiging te krijgen van gevraagde meerwerken.

Artikel 1793 van het Burgerlijk Wetboek voorziet dat meerwerken enkel kunnen aangerekend worden wanneer hiervoor schriftelijke toestemming is verleend door de opdrachtgever en wanneer een prijs is overeen gekomen. Deze bepaling geldt enkel bij een absoluut forfait. Voor de andere soort contracten is er in principe geen schriftelijke goedkeuring nodig doch dit verdient uiteraard de voorkeur. Anderzijds zijn er ook veel contracten of lastenboeken die uitdrukkelijk voorzien dat meerwerken, wijzigingen of veranderingen schriftelijk moeten besteld worden.

Contractuele bepalingen

Aannemers moeten dus waakzaam zijn en de contractuele bepalingen vooraf nakijken. Zeker wanneer men aanzienlijke meerwerken moet uitvoeren die een belangrijke meerprijs met zich meebrengen, is het aangewezen een schriftelijke bevestiging te vragen. Opdrachtgevers die niet ter goeder trouw zijn, kunnen zich immers verschuilen achter dergelijke clausules wanneer de factuur moet betaald worden en meestal nadat het (meer)werk reeds is uitgevoerd. Sommige rechtbanken passen deze clausules ook streng toe in het nadeel van de aannemer.

Een gewaarschuwd aannemer is er twee waard…