Tegelzetters gezocht: vakmanschap wordt een schaars goed
In Vlaanderen bevestigt de VDAB dat vloerder-tegelzetter een knelpuntberoep is. De arbeidsbemiddelingsdienst onderscheidt daarbij een kwantitatief tekort aan kandidaten, een gebrek aan de juiste competenties en arbeidsomstandigheden die potentiële werknemers afschrikken. Die factoren spelen ook in de andere gewesten, al zijn de regionale cijfers niet rechtstreeks vergelijkbaar.
In Wallonië staat ‘carreleur-carreleuse’ op de lijst van knelpuntberoepen van Forem voor 2026. De dienst wijst op een beperkt aantal kandidaten, toenemende technische vereisten en de fysieke belasting van het werk. In het kwalificerend secundair onderwijs van de Fédération Wallonie-Bruxelles waren er in 2024-2025 ongeveer 35 leerlingen ingeschreven in de laatste jaren van de opleiding tot tegelzetter en chapist. Dat is een beperkte potentiële instroom, al omvat dit cijfer niet alle mogelijke opleidingstrajecten.
Ook Actiris signaleert in Brussel rekruteringsproblemen in de bouwsector. Voor een exact Belgisch totaal van de openstaande vacatures bestaat echter geen rechtstreeks vergelijkbaar cijfer.
Meer dan tegels lijmen
Het beeld van de tegelzetter als iemand die vooral tegels snijdt en lijm aanbrengt, is achterhaald. Een professionele plaatsing begint bij de beoordeling van de ondergrond. De vakman moet rekening houden met vlakheid, vochtgehalte, scheurvorming, restvocht, bewegingsvoegen en de compatibiliteit van de gebruikte materialen. Ook de keuze van lijm, voegmortel en afdichtingssysteem moet afgestemd zijn op de tegel, de ondergrond en de gebruiksomstandigheden.
Grootformaattegels en dunne keramische platen maken het werk bovendien complexer. Ze bieden architecturaal veel mogelijkheden, maar stellen hoge eisen aan transport, manipulatie, snijtechniek en plaatsing. Een onvoldoende vlakke ondergrond of een gebrekkige verlijming kan leiden tot aanzienlijke problemen. Ook buitentoepassingen, natte ruimtes en intensief gebruikte publieke gebouwen vragen specifieke kennis.
De sector heeft dus niet alleen nood aan meer instromers, maar ook aan goed opgeleide vakmensen die zelfstandig technische beslissingen kunnen nemen. Plannen lezen, materialen beoordelen, veiligheidsvoorschriften toepassen en problemen op de werf herkennen, behoren steeds nadrukkelijker tot het takenpakket.
Digitalisering verandert het vak
Digitale meetinstrumenten, laseruitlijning en digitale legplannen ondersteunen een nauwkeurige uitvoering. Bij complexe projecten helpen digitale modellen en visualisaties om patronen, voegen en aansluitingen vooraf te controleren. Ook digitale werfregistratie en planning kunnen fouten, materiaalverlies en misverstanden beperken.
Die evolutie vraagt aanvullende vaardigheden. Een tegelzetter hoeft niet noodzakelijk zelf een BIM-model op te bouwen, maar moet digitale plannen wel kunnen interpreteren en vertalen naar de praktijk. Ook inzicht in technische fiches, productinformatie en verwerkingsvoorschriften blijft essentieel.
Technologie vervangt het vakmanschap dus niet, maar versterkt het. Dat vraagt om opleidingen waarin traditionele handvaardigheid wordt gecombineerd met digitale competenties. Fabrikanten, opleidingscentra en werkgevers kunnen daarin een belangrijke rol spelen door nieuwe materialen, gereedschappen en plaatsingstechnieken sneller naar de werkvloer te brengen.
Jongeren overtuigen met de praktijk
Om jongeren aan te trekken, moet de sector het traditionele imago van het beroep bijsturen. Tegelzetten is fysiek werk, maar combineert ook ruimtelijk inzicht, technische kennis, precisie en esthetisch gevoel. Het resultaat is tastbaar: de vakman ziet hoe zijn expertise een ruimte vormgeeft.
Praktijkdagen, demonstraties op scholen, bedrijfsbezoeken en samenwerkingen met beroepsopleidingen maken die veelzijdigheid zichtbaar. Duaal leren biedt een bijkomende troef doordat leerlingen opleiding combineren met ervaring op de werf. Ook zij-instromers kunnen een waardevolle doelgroep vormen, op voorwaarde dat ze voldoende begeleiding krijgen en de kans om hun vaardigheden stapsgewijs op te bouwen.
Daarnaast verdient de fysieke belasting aandacht. Mechanische tilhulpen, aangepaste snijsystemen en ergonomische hulpmiddelen kunnen het werk verlichten. Een veilige werf, realistische planningen en respect voor de vakman zijn minstens even belangrijk om mensen aan te trekken én te behouden.
Een veilige werf, realistische planningen en respect voor de vakman zijn minstens even belangrijk om mensen aan te trekken én te behouden
Een verdienmodel dat expertise waardeert
Werkzekerheid alleen volstaat niet. Jongeren willen ook perspectief op een degelijk inkomen, doorgroeimogelijkheden en een haalbare werk-privébalans. De sector moet duidelijk communiceren over loonvoorwaarden en carrièremogelijkheden, van ervaren plaatser tot ploegbaas of zelfstandig ondernemer.
Voor plaatsingsbedrijven is ook een correcte prijszetting essentieel. Wie uitsluitend op de laagste offerteprijs concurreert, komt onder druk te staan om tijd te besparen op voorbereiding, opleiding en kwaliteitscontrole. Complexe plaatsingen, grootformaatwerk en technische expertise verdienen een vergoeding die de geleverde kwaliteit weerspiegelt.
Het tekort aan tegelzetters vraagt daarom meer dan een grotere instroom in opleidingen. Onderwijs, werkgevers, sectororganisaties en fabrikanten moeten samenwerken aan praktijkgerichte vorming, een sterker beroepsimago en betere arbeidsomstandigheden. Want hoe geavanceerd keramische materialen en digitale hulpmiddelen ook worden, een duurzaam en esthetisch eindresultaat blijft afhankelijk van de kennis en de handen van de vakman.