Cersaie 2026: keramiek schuift op naar bouwsysteem
Van 21 tot en met 25 september 2026 bracht Cersaie in Bologna de keramiek-, badkamer- en plaatsingssector samen. Volgens de beursorganisatie namen 595 exposanten de zestien hallen van BolognaFiere in, goed voor 145.000 m². Daarvan kwamen 233 exposanten uit het buitenland, verspreid over 24 landen. De beurs registreerde 92.352 bezoekers, onder wie 44.500 internationale bezoekers, en 684 journalisten. Meer dan 800 aanwezigen volgden de lezingen van architecten Alejandro Aravena en Annabelle Selldorf. De bezoekerscurve lag iets lager dan in 2025, maar het internationale aandeel bleef stevig.
Het thema ‘A space for architectural design’ sloot aan bij een duidelijke evolutie: keramiek wordt niet langer uitsluitend als decoratieve afwerking gepresenteerd, maar steeds vaker als materiaal voor complete interieur- en bouwtoepassingen.
XXL-platen worden een ontwerpinstrument
Grote keramische platen zijn al langer een blikvanger op Cersaie. Formaten van ongeveer 160 × 320 cm en 162 × 324 cm zijn bij verschillende producenten ingeburgerd. Ook platen van circa 120 × 270 of 280 cm spelen een rol, onder meer voor wandbekleding over de volledige hoogte. Minder voegen zorgen voor een rustig beeld en maken het mogelijk om hetzelfde dessin door te trekken van wand naar vloer, trap, keukenblad of badmeubel.
Producenten bieden collecties steeds vaker aan in verschillende formaten en diktes. Zo kan één materiaalbeeld in een project terugkeren als vloertegel, grote wandplaat en dikker werkblad. Dat vraagt wel om controle van de technische eigenschappen per productvariant: een plaat voor wandbekleding is niet automatisch geschikt voor elke vloer- of werkbladtoepassing. Het formaat hoort daarom al bij het ontwerp en de werkvoorbereiding op tafel te liggen, niet pas wanneer de bestelling wordt geplaatst.
‘Gesinterde steen’: kijk naar de prestaties
De commerciële term ‘gesinterde steen’ wordt breed gebruikt, maar is op zichzelf geen eenduidige Europese productclassificatie. Veel van deze platen zijn keramische of porseleinen producten met een zeer lage waterabsorptie. Voor drooggeperste keramische tegels valt groep BIa volgens EN 14411 binnen een waterabsorptie van maximaal 0,5 procent. Die classificatie zegt iets over de waterabsorptie en productgroep, maar maakt niet elke plaat technisch gelijkwaardig en beschrijft evenmin alle eigenschappen die voor een specifieke toepassing nodig zijn.
Bij voorschriften is het daarom verstandiger om de vereiste prestaties te benoemen dan alleen een commerciële materiaalnaam. Denk, afhankelijk van de toepassing, aan waterabsorptie, buigsterkte, vlek- en chemische bestendigheid, slipweerstand, vorstbestendigheid en thermische eigenschappen. Voor werkbladen en zichtbare verstekken zijn ook dikte, kernkleur, decorbeeld en de afwerking van de rand van belang. ‘Full body’ of doorgekleurd materiaal kan bij zichtbare kanten een voordeel bieden, maar is geen vanzelfsprekende eigenschap van elke plaat die als gesinterde steen wordt verkocht. Raadpleeg dus steeds de technische fiche en de toepassingsrichtlijnen van de fabrikant.
Van vloer tot plafond: één materiaal, meer aandachtspunten
Een opvallende interieurtrend is ‘tile drenching’: vloer, wanden en soms ook het plafond worden met hetzelfde materiaal afgewerkt. Grote platen versterken het monolithische effect doordat het aantal voegen beperkt blijft. Tegelijk vraagt zo’n ontwerp om een nauwkeurig voeg- en snijplan, goed uitgewerkte aansluitingen en een ondergrond die aan de eisen van het gekozen systeem voldoet. Keramische plafondbekleding is geen gewone wandtoepassing: het gewicht, de ondergrond, de bevestiging en de gevolgen van eventuele loskomende delen moeten afzonderlijk worden beoordeeld. Mechanische borging kan noodzakelijk zijn, afhankelijk van het systeem en de omstandigheden.
Tegelijk verdwijnt de kleine tegel niet. Zellige-achtige (*) tegels, terrazzo, kleine formaten en decoratieve reliëfs worden gecombineerd met grote, rustige vlakken. Die mix-and-match-benadering maakt het mogelijk om accenten en ritme aan te brengen zonder het hele interieur druk te maken. Voor plaatsers betekent ze wel dat verschillende materialen en formaten vaak samenkomen, elk met hun eigen maatvoering, toleranties en verwerkingsvoorschriften.
Warme kleuren en zichtbare textuur
Het koele grijs maakt in veel collecties plaats voor warme aardetinten: espresso, chocoladebruin, kaneel, saffraan en zand. Ook goudkleurige nuances in marmer- en steenimitaties vallen op. In de natuursteenlook ligt het accent minder op het perfecte, hoogglanzende marmerbeeld en meer op leisteen, kalksteen, travertijn en zandsteen. Terrazzo en oppervlakken met uitgesproken reliëf sluiten daarbij aan.
Daarnaast blijft een meer ingetogen richting bestaan: gedempte tinten zoals saliegroen, bosgroen en blauwgrijs worden gecombineerd met verschillende texturen binnen één kleurfamilie.
Donkere kleuren en grote platen zijn veeleisend in uitvoering. Verschillen tussen productiebatches, de gekozen voegkleur en strijklicht kunnen sterk opvallen. Controleer daarom vóór plaatsing de tint en kalibergegevens, stem de bestelling per zone af en beoordeel bij twijfel een representatief proefvlak. Een staal alleen toont niet altijd hoe een groot oppervlak zich in het uiteindelijke licht zal gedragen.
Tactiele oppervlakken vragen een andere aanpak
Volledig vlakke tegels krijgen gezelschap van groeven, cannelures, microreliëfs en golvende structuren. Matte afwerkingen en onregelmatige randen verwijzen naar ambachtelijk gemaakte tegels en naar de wabi-sabi-esthetiek, waarin imperfectie deel uitmaakt van het karakter. Ook op grote wandplaten verschijnen subtiele lineaire reliëfs. Voor de natuursteensector zijn die afwerkingen herkenbaar: keramiek biedt steeds vaker een alternatief voor bijvoorbeeld gezaagde, gefrijnde of gebouchardeerde steen.
Een gestructureerd oppervlak vraagt extra aandacht bij het voegen en reinigen. Voegmortel kan in diepe groeven achterblijven en een verkeerde reiniging kan het gewenste oppervlak aantasten. Test daarom vooraf op een reststuk of proefvlak of voegmiddel en reinigingsmethode geschikt zijn. Werk beheersbare oppervlakken af en volg de productinstructies voor het verwijderen van cementsluier. Bij vloeren moet bovendien de balans tussen slipweerstand en reinigbaarheid worden beoordeeld, zeker in natte of publiek toegankelijke ruimten.
Plaatsing begint in de ontwerpfase
In hal 19 stond opnieuw de plaatsingssector centraal. Tiling Town, georganiseerd door Assoposa, bracht demonstraties over onder meer grootformaatplaten en de technieken die nodig zijn om ze veilig te hanteren en nauwkeurig te plaatsen. De boodschap is relevant voor architecten én uitvoerders: de kwaliteit van een groot keramisch oppervlak wordt in belangrijke mate bepaald vóór de eerste plaat op de lijm komt.
De ondergrond moet voldoende vlak, stabiel en geschikt zijn voor het gekozen systeem. Grote platen laten weinig ruimte om oneffenheden met de lijmlaag op te vangen. Bij veel grootformaattoepassingen wordt lijm zowel op de ondergrond als op de plaat aangebracht om een zo volledig mogelijke verlijming te bereiken. Het vereiste lijmtype hangt onder meer af van de plaat, ondergrond, belasting en binnen- of buitentoepassing. Een lijmklasse zoals C2 S1 of S2 kan in bepaalde situaties passend zijn, maar mag niet zonder beoordeling als universele oplossing worden voorgeschreven. Volg de technische richtlijnen van de fabrikant en de toepasselijke Belgische voorschriften.
Ook logistiek en bewerking moeten vroeg worden gepland. Platen van meer dan drie meter vragen aangepaste transportframes, vacuümheffers en voldoende manoeuvreerruimte. Controleer de toegang tot de werf, de liftmaten en de bochten in gangen en trappenhallen. Uitsparingen voor kranen, stopcontacten en afvoeren worden bij voorkeur vooraf op een stabiele snijtafel gemaakt. Afgeronde binnenhoeken beperken spanningsconcentraties en verkleinen het risico op scheurvorming. Voegbreedtes en bewegingsvoegen moeten deel uitmaken van het ontwerp; ze achteraf improviseren is geen goede strategie. Nivelleringssystemen kunnen helpen om hoogteverschillen te beheersen, maar vervangen geen vlakke ondergrond en correcte plaatsing.
Voor Belgische projecten blijven de toepasselijke technische voorlichtingen van Buildwise en de voorschriften van de systeemleverancier belangrijke referenties.
Digitalisering ondersteunt het vakmanschap
Tiling Town besteedde ook aandacht aan technologie, in samenwerking met het digitale onderzoekscentrum van Politecnico di Milano. Virtual reality kan ontwerpkeuzes tastbaar maken voordat materiaal wordt besteld. Augmented reality en digitale opmetingen kunnen de maatvoering en voorbereiding ondersteunen. Robotica en automatisering worden onder meer ingezet bij het samenstellen van mozaïeken en patronen.
Wanneer maten en uitsparingen digitaal worden vastgelegd, kan een deel van het zaag- en paswerk in het atelier gebeuren. Dat kan fouten en risicovolle bewerkingen op de werf beperken, al hangt het resultaat af van de kwaliteit van de meting, de software, de machine-instellingen en de controle van de gegevens. Technologie vervangt de ervaring van de plaatser niet; ze kan die ervaring wel ondersteunen en repetitief werk verminderen.
Van tegel naar maatwerk
In het Cersaie World Tiling Lab werkten zes teams uit Italië, Zwitserland, Denemarken, Marokko, de Verenigde Staten en Brazilië complete toepassingen uit. Daaronder zaten badkamers, een buitenruimte met zwembad, een leefruimte met trap en open haard, een geventileerde gevel en keramisch beklede zitbanken.
In Italië beschrijft UNI 11493-2:2016 de kennis, vaardigheden en competenties van professionele plaatsers van keramische vloer- en wandbekleding. De norm biedt een kader voor competenties; certificering op basis daarvan is vrijwillig en is niet automatisch een wettelijke verplichting.
Wat betekent dit voor de Belgische sector?
- Voor architecten en voorschrijvers begint een geslaagd grootformaatproject met maatvoering en detaillering. Stem plaatmaten af op stramienen, plafondhoogtes en aansluitingen, teken het voegplan uit en leg bewegingsvoegen en uitsparingen vast. Controleer ook de logistiek vóór de materiaalkeuze definitief wordt: een plaat die niet tot op de plaats van verwerking geraakt, veroorzaakt vertraging, extra kosten of een gewijzigd ontwerp. Beschrijf in het lastenboek de relevante prestaties en vraag technische documentatie op die bij de concrete toepassing past.
- Voor verwerkers zijn geschikt hijs- en transportmaterieel, nauwkeurige meetmiddelen en een degelijk voorbereide werkplek essentieel. Kies primer, lijm, waterdichting, voegmiddel en kitvoegen op basis van ondergrond en toepassing, en controleer de onderlinge compatibiliteit. Prefabricage van uitsparingen, verstekken en randafwerkingen kan de kwaliteit verhogen wanneer de digitale opmeting en werkvoorbereiding betrouwbaar zijn. De combinatie van tegelzetter en steenbewerker opent bovendien kansen voor trappen, werkbladen, wastafels en bekleed meubilair.
- Voor natuursteenbedrijven is de opmars van keramische platen zowel concurrentie als aansporing. Keramiek schuift op naar werkbladen, trappen, gevels en monolithische badkamers en ontleent een deel van zijn aantrekkingskracht aan een natuursteenachtig beeld. Natuursteen behoudt tegelijk eigen troeven: authentieke geologie, unieke tekening, doorlopende massa en de mogelijkheid tot herstel en herwerking, afhankelijk van steensoort en afwerking. De kernles van Cersaie 2026 geldt voor beide materialen: hoe groter en complexer het element, hoe sterker het eindresultaat afhangt van ontwerp, voorbereiding, correcte productspecificatie en vakmanschap bij de uitvoering.
(*) Zellige = traditionele, handgemaakte Marokkaanse wandtegel.
Beelden © Cersaie