Dubbele verlijming: wat, hoe, en wanneer?

We kunnen er niet meer onderuit: tegels worden, ongeacht hun aard, steeds groter. De bijhorende plaatsingsproblematiek deed ondertussen al heel wat stof opwaaien. Hoe kan men een voldoende contactoppervlak verzekeren bij de plaatsing van XL en XXL-tegels? Wij zochten het voor u uit en proberen een passende oplossing aan te reiken.

Communicerend informeren

Eigenlijk begint een correcte verlijmingtechniek al met de aankoop van de tegellijm. Niet alleen is vooraf goed informeren bij de technisch adviseur daarbij primordiaal, de tegelzetter zelf dient ook de juiste informatie door te spelen aan de lijmfabrikant. Welke zijn de belangrijkste aspecten om het nodige hechtmiddel te bepalen? De vloerder dient vooral rekening te houden met:

  • De aard en toestand van de ondergrond, rekening houdende met eventuele voorbereidende activiteiten zoals het aanbrengen van een geschikte primer;
  • De soort tegel die geplaatst moet worden (keramiek, natuursteen, cementgebonden, enz.);
  • Het waterabsorptievermogen van de te plaatsen tegel;
  • De vlekgevoeligheid van het materiaal;
  • Het gewicht en formaat (afmeting, vorm en dikte, vlakheid);
  • De werfomstandigheden waarin de tegels geplaatst dienen te worden (temperatuur, luchtvochtigheid, tocht, …);
  • De kleur van de voegen die vooraf gekend moet zijn.

Al deze factoren zijn bepalend voor de aanschaf van het geschikte stelmiddel.

Lijmevolutie

We zetten snel nog even de verschillende soorten tegellijmen volgens de norm 12004 op een rij: mortellijmen (C), dispersielijmen (D) en reactielijmen (R). Naast de opmars van lichtgewicht poederlijmen merken we vooral 4 evoluties inzake technische specificaties op:

  • De viscositeit (hoe lager de viscositeit, hoe hoger de doorloopsnelheid van een vloeistof of barbotine is in functie van haar geleidingweerstand), van bepaalde lijmsoorten kan (lees: mag) mits het correct opvolgen van de richtlijnen van de producent verlaagd worden. Dit betekent dat in dergelijke gevallen meer water toegevoegd mag worden om de lijm vloeibaarder te maken, wat de spreiding onder de tegels en dus het contactoppervlak automatisch vergroot.
  • De sneldrogende karakteristiek (F), die ervoor zorgt dat het meeste water in de (aluminaat)cement kristalliseert zodat onder de kern van de tegels de lijm voldoende snel verhardt en er minder plaatsingsvocht dient te verdampen langs de voegopeningen. De wachttijd voor het opvoegen verkort dan ook aanzienlijk en het risico op uitbloeiing van de voegen verkleint.
  • Supersterke en elastische eigenschappen die toelaten om reeds na enkele dagen droogtijd van cementgebonden dekvloeren te betegelen. De droogtijdregel ‘1 week per cm dikte + 1 week’ wordt hierdoor onder garantie van de fabrikant als het ware omzeild.

Flexibeler volgens de norm EN 12002: er verschijnen steeds meer S2-lijmen op de werkvloer, vooral bij vloerverwarmingssystemen en problematische ondergronden.

Buttering/floating-methode

In de Technische Voorlichting (TV) 237 van het WTCB lezen we letterlijk:

“Bij een dubbele verlijming (floating buttering) wordt de mortellijm (van type C2 bij tegels met een zeer groot formaat) eerst uitgesmeerd op de ondergrond (floating) om nadien met een vlakke spaan of verkamd aangebracht te worden op de legzijde van de tegel (buttering). Indien de lijm op beide oppervlakken verkamd wordt, dienen de lijmrillen loodrecht op elkaar aangebracht te worden”.

Deze aanbeveling wordt volmondig ondersteund door de Belgische tegelzettersfederatie Fecamo. Niet alleen bestaat er eensgezindheid over het bekomen van een maximaal contactoppervlak, maar ook over het creëren van een extra hechtbrug tussen tegel en ondergrond! Zelfs bij kleinere formaten kan het nuttig zijn om ook de legzijde van de tegel in te smeren.

Zaagstof bij natuursteen bijvoorbeeld wordt dan automatisch met de tegellijmlaag vermengd, waarbij filmvorming zo goed als uitgesloten wordt en de hechting bijgevolg verbetert.

dubbele verlijming tegels

Hoogteverschil

Er bestaan in wezen 3 verschillende manieren om de dubbele verlijmingstechniek toe te passen. We lichten dit toe aan de hand van een voorbeeld.

Stel, men dient 75×75 cm tegels te verlijmen op een goed uitgevoerde verharde vlakke dekvloer. Indien men om de ondergrond in te strijken een lijmkam gebruikt van 12 mm, zijn de mogelijkheden om de legzijde van de tegel in te smeren de volgende:

  • Met dezelfde lijmspatel van 12 mm;
  • Met de platte zijde van de lijmkam (lijmlaagdikte ± 1 mm);
  • Met een kleinere lijmkam, bijvoorbeeld 8 mm.

Het gebruik van een maatje kleiner op de tegel zorgt voor een makkelijker inschuiven van de tegel in het lijmbed. Bij alle 3 de methodes dient men wel rekening te houden met enkele millimeters hoogteverschil na plaatsing. De keuze voor optie 1 kan, na het definitief aandrukken van de tegel, ongeveer 3 cm in hoogte verschillen in vergelijking met de tweede mogelijkheid 2 !

Rendement

Voor de opmaak van een offerte is een zo goed mogelijke tijdsinschatting van het tegelwerk uiteraard van groot belang. Net zoals de plaatsingsmethode een doorslaggevende rol speelt om tot een correcte prijszetting te komen.

Voornoemde techniek vraagt daarom enige aandacht bij het berekenen van de prijs per vierkante meter

Want niet alleen het lijmverbruik zal gevoelig stijgen, ook de benodigde tijd voor de plaatsing wordt ontegensprekelijk verlengd. De tijd van ‘herziening’ is dus aangebroken, een herberekening van het kostprijstraject een feit. Kwaliteit vóór kwantiteit is dan ook de leuze, voornamelijk voor onze toekomstige gekwalificeerde “CQ- Meester Tegelzetters” die naast hun ‘fingerspitzengefühl’ een goede nacalculatie als winstbepalende factor kunnen beschouwen!

Wil je de nieuwste technische tips & tricks omtrent plaatsing in jouw mailbox ontvangen?
Laat dan hieronder jouw e-mailadres achter!