Vison EUF 2020, krachtdadig Europees beleid in de tegelwereld

Ondanks de versnelde evolutie in het productieproces van de keramische tegel die nu al meer dan tien jaar erg voelbaar is, hebben vloerders nog steeds geen waterdichte garantie over ‘veilige’ plaatsing van dunne grootformaattegels. Is er dan echt een beduidend verschil met grote tegels in normale dikte? De zoektocht naar een sluitend antwoord bracht Polycaro in Italië, net op het moment dat in Milaan een belangrijk EUF-congres aan de gang was.

Horizon verruimen

De Europese unie van tegelzettersfederaties (EUF) organiseerde op 2 en 3 april 2015 in Milaan een internationale workshop. Tijdens deze bijzondere bijeenkomst, ‘Vision EUF 2020’ gedoopt, op de hoofdzetel van lijmfabrikant Mapei konden de aanwezigen al hun administratieve en praktische vragen afvuren op het EUF-directieteam. Ook de toekomstplannen van de Europese federatie werden uit de doeken gedaan, met extra aandacht voor de werking van haar Technisch Comité. Het mag duidelijk zijn dat EUF meer wil zijn dan enkel een brancheorganisatie die de belangen van Europese tegelzetters(bedrijven) behartigt, het ambieert nu ook een nauwe samenwerking met de commerciële tegelhandel en diens leveranciers.

Standaardformaat?

Terug naar de workshop in Milaan waar het accent lag op ‘innovation watch’ en continue vakkennis. Zo heeft het EUF zich geëngageerd om het initiatief ‘VDF-academie’ van de Duitse tegelzettersfederatie (Fachverband Fliesen und Naturstein, kortweg FFN) te ondersteunen, met het oog op een Europese studie ‘De tegelzetter 2020’. Over het thema dat als een rode draad doorheen dit tweedaagse seminarie liep, kon geen misverstand bestaan: de evolutie en toekomst van de gianttechnologie. Naast de geruchten die we in de wandelgangen konden opvangen over de ‘Tegeltechnicus 2020’ rees ook de vraag: wat is vandaag in de keramische wereld een standaardtegel en hoe omvangrijk zal dit formaat nog zijn in 2020? Ook kan de vraag in omgekeerde richting gesteld worden: zal men in de toekomst nog spreken over XL en XXL-tegels, of eerder over fijngeperste volkeramische tegels met oneindigheid in formaten? Een interessant uitgangspunt waar de specialisten binnen het Technisch Comité van het EUF zich al langer het hoofd over breken.

Constructieve communicatie

Op de website van de Europese tegelzettersfederatie (www.eufgs.com) wordt veel duidelijk. Promotie voeren voor dit belangrijke afwerkingberoep staat centraal. Dat het EUF niet alleen  public relations- en lobbywerk doet, is evenzeer waar. Met leden, maar ook met de leidinggevende tegelindustrie blijft het enorm belangrijk om permanent ‘on speaking terms’ te blijven door middel van een constructieve communicatie, aldus Jacques Vinet die in 2010 de Belg Georges Pardon opvolgde als voorzitter van EUF. Want, zo klonk het, elke tegel die in Europa verkocht wordt, moet nog geplaatst worden! Een terechte opmerking in het Italiaans kamp was dat verdelers garant moeten staan voor een vakkundige plaatsing. Een keramische tegel die niet volgens de regels van het vakmanschap geplaatst wordt, betekent een slechte publiciteit voor de tegelindustrie.

Gerectificeerde tegels

Voorts haalde de Zwitserlands vertegenwoordiger -in het kader van gespecialiseerde opleidingen- het Erasmusprogramma (International Exchange Erasmus Student Network aan dat voor Europese jongeren een boost kan geven wat betreft hun toekomstige beroepsactiviteiten.

Het panelgesprek met onder meer Graziano Sezzi (Confindustria Ceramica) leverde eveneens heel wat interessante weetjes op. Uit enkele gedetailleerde cijfertabellen die op het auditoriumscherm te zien waren, konden we afleiden dat de evolutie in productie en export van keramische tegels in Europa niet echt als negatief hoeft bestempeld te worden. De jaarlijkse tegelexport naar België bijvoorbeeld viel in de voorbije zeven jaar wel terug van 26,5 miljoen m² in 2008 naar 24,7 miljoen m² in 2014. Maar toch viel vorig jaar een lichte consumptiestijging waar te nemen in vergelijking met 2013.

Ook de prognose voor 2015 ziet er nog niet zo slecht uit. Men verwacht namelijk terug een lichte tot zelfs gevoelige stijging in de verkoop van keramische tegels, wat ook voor alle vloerders uiteraard goed nieuws betekent. We leerden eveneens dat 40% van alle in Italië geproduceerde tegels gerectificeerd zijn, zodat met smalle en gelijke voegen kan gewerkt worden. Er werd op het congres in Milaan zelfs geopperd om voortaan enkel nog gerectificeerde tegels van de productieband te laten rollen. Iets wat in de architectenwereld zeker op algemeen applaus zou worden onthaald.

Grootte en dikte

Waar trekken we de grens als het op het tegelformaat aankomt? In de beginfase van de besprekingen over het schrijven van correcte plaatsingsrichtlijn door het Technisch Comité van het EUF, was dit één van de moeilijkste beslissingen. Wanneer spreekt men -in begrijpbare Europese taal- van een grote tegel en wanneer over een supergrote tegel of tegelplaat (‘lastre’ in het Italiaans)? Daarbovenop diende men een tweede lijn te trekken tussen een tegel met normale dikte en deze met het predikaat ‘dunformaat’?

We volgden nauwlettend het debat in Italië mee en noteerden toch enigszins verrassende toekomstperspectieven. Om een onderscheid te maken tussen grote en supergrote fijne tegels hanteerde men de ‘XL’ en ‘XXL’-afkorting waar men eerder in de textielwereld mee vertrouwd is. Tussen 10.000 cm² (vb. 1 m x 1 m) en 30.000 cm²  zou men spreken over een XL-tegel, vanaf 30.000 cm² (vb. 1,00 m x 3,00 m) over een XXL-tegel. Deze groep tegels zouden maximum 6 mm dik mogen zijn, ongeacht of ze aan de legzijde met een kunststofvlies (glasvezel of polyestersamenstelling) verstevigd zijn of niet. Deze diktegrens is immers mee bepalend voor uitvoeringen op sommige types ontkoppelingsmatten.

Centrale database

Om daarover tot een eensluidend akkoord te komen, is de medewerking van en overleg met de verschillende landen meer dan noodzakelijk. Kwestie dat deze richtlijnen gelijk lopen met de bestaande CEN-voorschriften. Een inventaris van verschillende problemen tijdens de plaatsing van dunne grootformaattegels zou heel nuttig kunnen zijn, vooral om de ‘kinderziektes’ te weren en minder goede plaatsingstechnieken te detecteren. Op die manier kan het Technisch Comité van het EUF zoeken naar oplossingen voor de toepassing van een algemeen (lees: internationaal goedgekeurd) correcte uitvoeringsrichtlijn. In deze context zou een centrale database aangelegd worden waarin alle nationale wetenschappelijk/technische centra hun expertises kunnen verzamelen. Een dergelijke gegevensbank zou ook  professionele opleidingscentra ten goede komen die hun docenten en instructeurs op hun beurt de nodige bijscholing kunnen aanbieden. Binnenkort zal de EUF-website verrijkt worden met een technische blog, mede dankzij EUF-directeur Werner Altmayer!

Cersaie 2015

In samenwerking met de Confindustria Ceramica en de Italiaanse tegelzettersfederatie Assoposa zal het EUF in september 2015 opnieuw aanwezig zijn op de jaarlijkse hoogmis in Bologna, Cersaie genaamd. Een voorstel om het EUF in Città della Posa –de demozone op de beursvloer van BolognaFiere in de kijker te zetten werd enorm positief onthaald, op voorwaarde dat de “stad van de plaatsing” dit keer op het gelijkvloers wordt gebouwd en dus niet ergens op een minder strategische plaats zoals tijdens de vorige edities het geval was. De suggestie van Peter Goegebeur (de Belgische voorzitter van het Technisch Comité van het EUF) om er meteen de grootste tegelformaten te verhandelen, de instrijktechniek met geschikte tegellijmen te demonstreren en tenslotte de juiste plaatsingsmethode(s) aan het internationaal publiek te laten zien zou in 2015 in het Italiaanse Bologna wel eens bewaarheid kunnen worden. Met behulp van de (r)evolutionaire gereedschappen en -waarom niet- de moderne nivelleer(of levelling)systemen die vandaag op de markt te vinden zijn…