Slate-Lite: flexibele “fineersteen” in Ronsische Renovatie

Voordelen legio dankzij dunheid en flexibiliteit

Project fiche

Waarom kiezen als je het allemaal kan hebben? In één en hetzelfde woon-werk project mixt & matcht architect Bart Demeestere twee visies op erfgoed-renovatie, twee filosofieën van kantoorinrichting en twee ventilatietechnieken. Voorts herbestemt hij even graag originele materialen als dat hij als eerste een innovatieve afwerking toepast. Iemand ooit gehoord van de ultradunne leisteen-finishing Slate-Lite?

”Het basisconcept vloeide voort uit de aard van het gebouw. Daarom moet je wel iet weten over de bouwgeschiedenis.”

Zo begint Bart Demeestere de rondleiding door zijn woon-werk project in de buurt van het station van Ronse. Werken doet hij er overigens zelf, samen met zo’n twintigtal medewerkers van Architecten Demeestere-Garmyn & Partners (zie verder); en ook het wonen doet hij er zelf, in een van de zeven appartementen.

Twee fabrieken

Die bouwgeschiedenis dus. “Oorspronkelijk waren het twee fabrieken. De ene maakte petten; hierin zit vandaag ons kantoor. De andere fabriek, vandaag appartementen, was een vroeg textielbedrijf, dat nog in de traditie stond van de traditionele textielbewerking, van vóór de tweede industriële revolutie. Het is vandaag het oudste overlevende industriële pand van Ronse, en is dan ook beschermd als erfgoed. Maar al in 1916 werd de industriële activiteit hier gestopt omdat de eigenaar op dat moment een grotere, modernere fabriek had geplaatst. Sindsdien stond de plek soms leeg, en werd ze soms gebruikt voor diverse doeleinden, zoals opslag. In de jaren 1970 werden de twee delen samengevoegd tot één geheel. Dit was eerst een bouwmarkt en vervolgens een parochiezaal. Het laatste feest dat er plaats had was oudjaar 2013; wij hebben het vervolgens in 2014 gekocht als één geheel.”

Reconstructie

De eerste opdracht was dus niet zozeer het beschermen van het industriële erfgoed; het ging er eerder om van het terug te vinden.

“De eerste keer dat we het gebouw betraden, zagen we nergens dat het ging om twee fabrieken. Het was doorheen de jaren te vaak aangepast. Onze idee was dan ook om terug te keren in de tijd, en die twee fabrieken opnieuw op te roepen. De textielfabriek hebben we gereconstrueerd zoals die was, terwijl we de pettenfabriek hebben ingebouwd. Het oorspronkelijke gebouw hebben we hier benaderd als ready-made en daarrond bouwden we een shell. Het gaat hier dus om twee benaderingen van verbouwen en erfgoed, die we hebben gecombineerd. Het is mooi dat we beide visies tegelijk hebben kunnen uitwerken!”

bart demeestere slate line

Hoe de voormalige site eruit zag

Stabiliseren

“De textielfabriek van 1878, die in zeer slechte staat was (eigenlijk stond hij op instorten) hebben we half gereconstrueerd. Daarbij brachten we onder meer 36 palen aan om het gebouw te stabiliseren.” Een mooi voorbeeld van deze quasi archeologische arbeid is de polyvalente ruimte voor middagmaal, vergaderingen en lezingen. Deze hoort bij het architectenbureau, maar zich bevindt in het andere gebouw. “Het is erg belangrijk om tijdens de pauze even fysiek een deur achter je toe te trekken,” aldus Demeestere.

“Deze ruimte is inderdaad een reconstructie van hoe het eruit zag in 1878. We hadden dan wel geen plannen van het originele gebouw, maar dankzij restanten van muren en dergelijke, en met onze grote ervaring ter zake, slaagden we erin. Dat soort zake is altijd leuk om te doen, al is het soms een heel avontuur.” De pettenfabriek werd dan weer ingebouwd — niet omdat Demeestere per se twee renovatietechnieken tegelijk wilde tentoonspreiden, maar om praktische redenen.

“De oorspronkelijke fabriek had betonnen buitenramen. En dat ziet er natuurlijk fantastisch uit. Maar concreet, wat doe je ermee? Want voor de hedendaagse energie-normen is dat verre van ideaal. Daarom hebben we ervoor gekozen om van die ramen een binnenwand te maken, en het gebouw dus groter te maken.” In het woongedeelte krijgt hetzelfde probleem een andere oplossing: de oorspronkelijke buitenramen werden gereconstrueerd, en aan de binnenkant werd een extra raam geplaatst.

bart demeestere slate line

Bovenste verdiep: privéwoning met Slate-Lite aangebracht op de keukenkasten en keukenblad

bart demeestere slate line

Duurzaamheid

Want duurzame architectuur is geen ijdel woord voor Demeestere:

“Je kan niet aan je klanten zeggen dat je doet aan duurzame architectuur, als je eigen kantoorgebouw het niet eens is. Daarom streefden we ernaar om het Breeam Very Good-certificaat te halen, en dat is ook gelukt. Daar ben ik best wel trots op.” Daarbij hoorden ook maatregelen als de grote beglaasde noordgevel.

Dit geeft een mooi egaal licht, zoals in een kunstenaarsatelier. Ideaal om kleuren te keuren. Als je een zuidgevel gaat beglazen, is het eerste wat gebeurt als de zon schijnt, dat de zonwering neergaat.” Of de ventilatie: “Aangezien het om een klimatologisch complexe omgeving gaat, hebben we naast een klassiek D-systeem met warmterecuperatie ook een volledig klep-systeem. En duurzaamheid,” vervolgt Demeestere, “dat betekent ook: een aangepaste werkomgeving.“

We hebben gekeken: hoe werken mensen eigenlijk? De circulatieruimten zijn zo ontworpen dat mensen wel moeten bewegen. Op een gecontroleerde manier, natuurlijk — ze moeten nog werken ook. Maar we hebben bijvoorbeeld een ‘vergadergang’, voor korte, interne vergaderingen. Immers, zitten is een probleem. We zitten te veel. Bij een staande vergadering krijgt het lichaam de kans om eens een andere houding aan te nemen. En dan hebben we een landschapskantoor; maar niet alleen dat. Een landschapskantoor heeft zijn voordelen, maar er is geen eenduidig antwoord. We hebben ook rustige ruimten, om goed en geconcentreerd door te werken.”

bart demeestere slate line

Na de renovatie

bart demeestere slate line

Slate-Lite

Demeestere doet graag alles zelf. Dat wil zeggen: samen met zijn twintigkoppig team, vanzelfsprekend… Dit van het uittekenen van de stedenbouwkundige visie (zie kader) tot de afwerking binnenhuis, en wel tot in de kleinste details. Kijk bijvoorbeeld naar de betonramen in zijn eigen loft, die dit keer de vorm aannemen van een discrete vitrinekast. “Zo krijg je doorzicht; je maakt tenslotte geen loft om die dan vol zware kasten te zetten. En het past binnen de filosofie van het heruitvinden van oude elementen.”

Het meest opvallend in de loft is de uniforme afwerking (kasten, bladen, andere elementen) in grijze leisteen. Geen gewone leisteen, maar een flexibele “fineer-leisteen”; een uniek procedé, dat we in België nog maar weinig of niet hebben gezien.

“Dit is Slate-Lite,” legt Demeestere uit. “Het gaat eigenlijk om een leisteenbekleding van niet meer dan één millimeter dik die op een backing zit. Zo krijg je een monolithische structuur. En het is zeer handig in het gebruik. Als je dit alles in volle natuursteen wil afwerken, wel, dat is bepaald geen sinecure. Plus: bij een renovatie in een bestaand gebouw moet je ook oppassen met eigengewicht. Met Slate-Lite kan je een materiaal met een zware expressie toepassen dat weinig weegt, maar wel écht is. Ik moet zeggen: ik was er direct zot van.”

Bevestiging

Slate-lite is niet nieuw op de markt, maar is in onze gewesten vooralsnog een grote onbekende. Demeestere besteedde het aanbrengen dan ook niet uit, maar deed het met eigen mensen en zag er zelf nauwlettend op toe. “Niemand in mijn buurt kende het, dus ik ging, bij deze hoeveelheden, geen risico’s nemen met het uit te besteden. We hebben het vol gelijmd met een speciale polymeerlijm, die een zekere elasticiteit behoudt. Van een nieuw materiaal wil ik de ins en outs volledig begrijpen. Dan neem ik geen risico’s.  Dus daar ben ik wel even mee bezig geweest. Maar het is een heel prettig materiaal, en bruikbaar op diverse ondergronden. Zo kan het ook gebruikt worden voor sfeerlicht. Nu ik het zelf in de vingers heb, zal ik het voortaan ook uitbesteden. Ik zal het binnenkort ook gebruiken in een buitentoepassing.”

Alles in de hand nemen, van groot tot klein: dat is de basisfilosofie van Architecten Demeestere-Garmyn & Partners. Aan alles wordt gedacht. We sluiten af met een mooi voorbeeld daarvan. De glaswand aan de noordgevel kon technisch gezien eigenlijk dubbel zo breed. Maar Demeestere besliste van dat niet te doen. “Het glasraam communiceert met de neogotische Sint-Martinuskerk aan de overzijde van het Koning Boudewijnpark. Dus die verhoudingen hebben we overgenomen.”

Slate-Lite: scherven brengen geluk

Slate-Lite is een ultradunne leisteen-fineer op een drager van vezelglas. Tijdens het productieproces wordt die drager in vloeibare vorm aangebracht op de leisteen; vervolgens wordt de dunne laag er met de hand afgepeld. Hoe kom je op zo’n idee? Wel, simpel. Slate-lite is per ongeluk uitgevonden. De Duitse firma R&D Gmbh produceerde in de jaren 1990 tafels met bladen van leisteen gelijmd op MDF. Tot op een mooie dag eens een tafel brak. En CEO Gernot Ehrlich stelde vast dat een mooie laag leisteen overbleef op het MDF-bord. Aha! Hij experimenteerde met diverse ondergronden, en kwam uiteindelijk voor de dag met Slate-Lite.

De voordelen zijn legio:

  • Prachtige kleuren en motieven – puur natuur;
  • Dankzij zijn dunheid is Slate-Lite compleet flexibel;
  • Slate-Lite is erg licht (1,5 kg per m²), wat goed is voor renovaties en het drukken van transportkosten;
  • Eén blok natuursteen kan enorm veel vierkante meter oppervlakte dekken, en dat noemen we dus een efficiënt gebruik van natuurlijke grondstoffen

Ondanks al deze voordelen, en ondanks het feit dat de introductie alweer dateert van 2002, is Slate-Lite in België nog steeds niet bekend. Het werd Demeestere dan ook niet onder de neus geschoven door een sales rep. Hij moest er zelf naar op zoek.

“Ik zag het toegepast in een lamp. En ik dacht: leuk. En als dat bestaat voor lampen, moet dat ook bestaan voor andere producten. Dan zijn we naar de importeur op zoek gegaan. Daarvan bleek er maar één in België. Maar we hebben hem gevonden.

Demeestere-Garmyn & Partners in cijfers

Actief in stedenbouw, architectuur, restauratie, B2B (“van kleine zelfstandige tot fabriek”) residentieel, zorg…

  • 2000: jaar van oprichting
  • 2011: opening flexi-kantoor Gent (80m2)
  • 2015: oprichting studiedienst stabiliteit2016: verhuis naar nieuwe bureau Politiekegevangenstraat Ronse (540m2)
  • 70% B2B klanten
  • 25% overheid als klant
  • 5% particulieren

 

  • 20-tal werknemers: architecten, burgerlijk ingenieurs, interieur-architecten, erfgoedexpert, administratie.

Foto’s: Lies Paelinck en © Ludwig Desmet