Idylium, de eerste dooraderde plaat ter wereld

Project fiche

Idylium kan je gerust de Lamborghini onder de platen noemen. Stoer, sterk en elegant. Vraag maar aan sterrenchef Hans van Wolde die wild enthousiast is van deze eerste echt goed dooraderde plaat. In zijn nieuw restaurant Brut172 richtte hij er onder andere zijn hele keuken mee in. En dat wilden we natuurlijk eens met eigen ogen zien.

Wie begint in godsnaam een nieuw restaurant in Reijmerstok, een klein dorpje in de buurt van Maastricht met amper 535 inwoners? Die vraag krijgt Hans van Wolde wel vaker. Eigenlijk hoeft hij niet eens te antwoorden. Wie Brut172 binnenstapt, weet meteen: dit is klasse. En dan hebben we het niet alleen over wat er op het bord komt. Van Wolde lacht minzaam. “Iedereen heeft me afgeraden om hier in the middle of nowhere iets te beginnen, terwijl het maar op 10 kilometer van Maastricht en Aken ligt. Mensen vinden verandering zo eng. Ze blijven dan maar in hun relatie zitten. Of in hun job. Ze lopen liever drie kilometer van het ravijn dan erin te kijken hoe diep het is. Je moet gewoon een stap kunnen nemen.”

Dromen onder grote druk

Dat Brut172 er niet zomaar kwam, kon heel Nederland volgen in het programma ‘Brut, dromen onder grote druk’ op de commerciële zender RTL4. De camera’s volgden twee jaar lang hoe een vervallen boerderij werd omgetoverd tot een prachtig restaurant. Van Wolde kan je qua bekendheid in Nederland dus gerust vergelijken met Sergio Herman. Hij was al te zien in verschillende programma’s en haalde met zijn vorige restaurant Beluga twee sterren. Om maar te zeggen, we zijn niet op bezoek bij de eerste de beste.

En dus lagen ook de eisen voor de inrichting van Brut172 heel hoog. Een uitdaging die Michel van de Goorbergh van Kayden Stone graag aanging. Met Idylium zet hij een nieuw merk in de markt. “Gesinterd materiaal bestaat natuurlijk al langer”, doet hij het verhaal van Idylium. “Je hebt Dekton en Neolith. Maar bij Idylium heb je voor het eerst een echt doorlopende ader. Die zie je aan de boven, zij- en achterkant. Zoiets werd al vaak geprobeerd, maar bij dit materiaal is het echt gelukt. Zo kan je het ook aan de achterkant polijsten. Bij keramiek kan dat niet.”

Duurzaam materiaal

Zeg dus niet zomaar keramiek tegen Idylium. “Neen, zo kan je het niet noemen. Keramiek is gebakken klei waar een laagje op geprint wordt. Terwijl Idylium voor 80 % uit natuursteen bestaat. Er zit kwarts, veldspaat, en silisiumdioxide in. Dat wordt geperst en verwerkt met natuurlijke kleurstoffen waardoor Idylium veel harder is dan keramiek. Bovendien is het heel duurzaam, want 80 % bestaat uit gerecycleerde materialen die je nadien zelfs voor 100 % kan recycleren. Het bedrijf koopt dat residu op bij de steengroeves, dus je hoeft er niet voor te graven. We merken echt die trend dat architecten vooral naar gerecycleerd materiaal vragen of het moet nadien recycleerbaar zijn. Natuursteen zal altijd blijven, maar zeker jonge architecten willen enkel nog circulair werken. En als de klant dat belangrijk vindt, dan wij ook natuurlijk.”

Die architecten kunnen Idylium voor heel veel verschillende toepassingen gebruiken. Michel somt het even op. “Als vloer, gevel, wand, badkamer of om kasten mee te bekleden. Dat kan natuurlijk ook allemaal met natuursteen, maar dat is wel dikker. Idylium is veel lichter. Specifiek voor de keuken heeft het nog wel wat voordelen. Je kan er eten op snijden of bereiden, je zal nooit een kras zien. En het is heel makkelijk in onderhoud.”

Ideaal dus voor een restaurantkeuken. “Zij hebben mij compleet overtuigd met hun materiaal”, zegt Hans van Wolde. “Michel krijgt bijna een orgasme als hij een steengroeve ziet (schiet in de lach). Nou, als je zoveel kennis hebt over materiaal, hardheid, combinaties en kleuren dan geeft dat vertrouwen. Ik ben ook een paar keer meegegaan naar de fabriek van Idylium. Ik wilde dat proces kennen. Ik vond het interessant om te zien hoe ze werken, hoe die baklijnen van die platen lopen, hoe dat allemaal gaat. En ik heb mijn platen daar zelf uitgezocht.”

Allemaal chemie

Zoveel betrokkenheid tonen, dat zien we niet veel andere koks doen. “Oh, maar ik laat mijn servies ook zelf maken. Dus dan wil ik de pottenbakker leren kennen. Hoe draait die, en op welke temperatuur? Net zoals ik ook wil weten van waar het hout komt dat hier in de haard wordt gegooid of het leer dat we zullen gebruiken. Tien jaar geleden vond ik dat allemaal niet interessant. Misschien komt dat met de leeftijd. Dus ik voel mezelf wel een ambassadeur. Een tegel maken dat is zand, water en kleur samen bakken. Maar bij Idylium is dat een heel ander proces. Het is bijna zoals een gerecht maken of brood bakken. Allemaal chemie, net zoals in mijn keuken.”

Het moet gezegd, de keuken in Brut172 straalt rust en puurheid uit. Daar kwam heel wat snij- en paswerk bij kijken. “Het plaatsen is echt vakwerk”, zegt van Wolde. “Ik kreeg al veel vragen van particulieren en ik raad het ook iedereen aan. Maar je moet het wel door een vakman laten plaatsen. Hier is er gewerkt met grote platen. Dus het is niet zomaar een tegeltje aan de muur zetten. En weet je wat, ik kan daar gewoon met een staalspons op schuren. Dat zie je niet. Ik gebruik zelfs geen snijplanken. Het blijft superhygiënisch. Want je weet dat koks soms lomperiken kunnen zijn. We laten al eens een pan vallen.”

Brute schoonheid

Nu hadden we ook wel eens willen proeven van wat er in deze nieuwe keuken zoal wordt klaargemaakt. Helaas, op het moment dat we op bezoek gingen, was de horeca in Nederland nog gesloten. Dus we gaan met alle plezier een keertje terug. En we zullen zeker niet alleen zijn. “70 % van mijn klanten zijn Belgen”, zegt van Wolde. “Die heb ik heel graag. Een Nederlander is enthousiaster. Maar een Belg is veel trouwer. Wij hebben geen eettraditie, een Belg wel. Al vind ik het eten eigenlijk niet het belangrijkste. Voor mij zit een bezoek aan Brut172 voor 60 % in de beleving en 40% in het eten. Je kan allemaal Sergio Herman zijn, de dag dat hij niet met mooie materialen of een mooi bord werkt, stelt het niets meer voor. Enkel in een kale ruimte komt het eten op één. De gastvrouw, het kader, de open haard… daar praten de mensen over. Gasten een leuke avond bezorgen, is voor mij echt het allerbelangrijkste. Achteraf herinneren ze zich toch hooguit één of twee gerechten. Alles draait om het totaalplaatje en daar heeft Idylium toe bijgedragen. Dat is brute schoonheid. Er hoeft zelfs niets in mijn keuken te staan om het toch mooi te vinden.”


Idylium en Lamborghini

We verwezen in de intro van dit stuk natuurlijk niet zomaar naar Lamborghini. De machines waarmee Idylium worden gemaakt zitten in de City Group, net zoals Lamborghini. Daarom heeft Idylium ook een aparte lijn gemaakt die verwijst naar het logo, de bandensporen, de koplampen of het interieur van deze krachtige bolides. Beide merken dragen dus een Italiaanse stempel. Het design van Idylium zit in modestad Milaan. Maar de productie gebeurt in het Spaanse Alcora.

Daar stripten ze een oude fabriek en zetten er de nieuwe machines in om Idylium te maken met grondstoffen uit de Spaanse steengroeves die worden gebakken op 1.250 graden. Dus je kan er gerust een hete pan opzetten. Momenteel kan je kiezen uit 40 verschillende kleuren en motieven, maar daar komen er in de toekomst nog heel wat bij.


Kayden Stone

Kayden Stone is de invoerder van Idylium en heeft in de Benelux een netwerk van 400 steenhouwers en verwerkers om er in de praktijk mee aan de slag te gaan. Zo verwerkte de firma Arte uit Helmond het Idylium in de ontbijtruimte. Dit is gebeurd met het geoptimaliseerde en  vernieuwde machinepark met onder andere Intermac en CMS Brembana machines die gespecialiseerd zijn in keramiek en waarmee de Idylium platen verwerkt zijn. Jan Reek Natuursteen nam de keuken voor zijn rekening. Het was een plezier om met Idylium te werken”, zegt Gerard Vreeker van de firma Jan Reek Natuursteen. “Voor het verlijmen gebruikten wij Parabond en voor de hoeken Integera lijm. Zo werden die vastgezet op een houten frame. ” Maar dat was niet hun enige bijdrage. In het restaurant staan ook tafels van groen dooraderde marmer van Kayden Stone. Ook daar mocht de firma Jan Reek Natuursteen aan de slag gaan met het ontwerp van de architect en van Hans van Wolde. “Het maken van die tafels was een hele uitdaging”, zegt Gerard Vreeker. “Het marmer hebben we versneden met machines van CEI. Maar het moeilijkste was natuurlijk de verbinding maken met de drie poten. Daarvoor maakten we een blinde verbinding tussen het blad en de poten, zodat de tafel stabiel zou blijven. Niet simpel, maar het resultaat mag er zijn.”


Tekst: Hilde Van Malderen – Foto’s: Kayden Stone en Niels Maier