Belgische zwarte marmer schittert in Predikherenklooster

“Ik ken geen zwartere steen dan Noir de Mazy"

Project fiche

In opdracht van de stad Mechelen hebben Renotec en Group Monument het voormalige Predikherenklooster in de omgeving van de Dossinkazerne gerestaureerd, naar een ontwerp van de THV Predikheren, een combinatie van het Nederlandse Korteknie Stuhlmacher en de Belgische kantoren Callebaut-Architecten en Bureau Bouwtechniek. Het pand krijgt een nieuwe bestemming als openbare bibliotheek.

Het klooster omvat vier vleugels rondom een vierkante binnenplaats met pandgang en een achttiende-eeuwse kerk. Als bedelorde hanteerden de Predikheren of Dominicanen een sobere stijl, in een combinatie van vooral baksteen, zwarte en witte natuursteen. Door hun beperkte financiële middelen moesten ze de bouw spreiden over een periode van bijna tachtig jaar.

De eeuwenlange bouwgeschiedenis van het klooster is typisch voor die van talrijke oude kloostergebouwen in België: veel elementen uit de barokperiode, een onteigening in de Franse tijd en daarna omvormingen tot ouderlingentehuis, militair hospitaal, kazerne en militair opleidingscentrum. Met als traditioneel twintigste-eeuws slotmoment leegstand en verwaarlozing, ondanks de wettelijke bescherming als monument.

Ruïneuze toestand blijft zichtbaar

Ongewoon aan de restauratie is dat het ruïneuze uitzicht gedeeltelijk bewaard blijft. Bij de meeste andere restauraties wordt dikwijls teruggegrepen naar de meest glorieuze periode. “We beschouwen de onvolkomenheden die de verschillende aanpassingen met zich meebrachten als de grote kracht van het gebouw. De ruïneuze toestand toont een duidelijk beeld van de historische gelaagdheden,” stelt architect Wouter Callebaut, zaakvoerder van Callebaut-Architecten.

“We nemen patina’s van de verwering mee als kenmerkende aspecten. De algemene keuze is die voor een zachte restauratie met maximaal behoud van de originele materialen, op een wetenschappelijk onderbouwde en weloverwogen manier.”

Tijdens de diverse verbouwingen in het verleden verdween ook het grootste deel van de oorspronkelijke vloer. Zoals in heel wat historische religieuze gebouwen in België bestond die grotendeels uit tegels in Belgische zwarte marmer, Noir de Mazy. “Op een aantal grafstenen na konden we slechts een beperkt aantal fragmenten recupereren,” aldus Callebaut.

“Bij zulke restauraties gebruiken we altijd in de eerste plaats recuperatiemateriaal, indien mogelijk van dezelfde site. Maar zelfs de gespecialiseerde aannemers konden op de markt niet de nodige hoeveelheid recuperatiemateriaal vinden. Van het mogelijke alternatief, donker afgewerkte blauwe hardsteen, stapten we in samenspraak met het stadsbestuur en de erfgoeddiensten snel af. Daarom besloten we nieuwe Noir de Mazy te bestellen.” Hiervoor kan je vandaag op slechts één adres terecht: de groeve van De Merbes-Sprimont in Merbes-le-Château (Henegouwen).

Onderaards met ecologisch tintje

“Onze ondergrondse Golzinne-steengroeve is de enige waar nu nog het originele Belgische zwarte marmer, ook bekend als Noir de Mazy, wordt ontgonnen,” bevestigt technisch directeur Francis Kezirian.

“Als laatste ondergrondse operator in België zijn we de erfgenamen van een lange traditie van architectuur en mijnbouw. Deze steen werd in het verleden veel gebruikt, maar is nu specifiek bestemd voor erfgoedrestauraties en prestigieuze privéprojecten. We werken ook voor hedendaagse ontwerpers en kunstenaars.”

De oorzaak van dit exclusieve karakter is dat het veel moeilijker is marmer te ontginnen in een 70 meter diepe, onderaardse groeve dan in openluchtgroeven, waar heel wat andere marmersoorten vandaan komen. “Bovendien moeten we constant pompen laten draaien om de mijn droog te houden. Dat is wel ecologisch verantwoord, want dit levert drinkwater op voor zowat 9.000 huishoudens. De groeve draagt ook bij aan de biodiversiteit, want ze huisvest vleermuizen en diverse zeldzame reptielen.”

“Ongeveer 30% van de productie is bestemd voor restauraties, vooral voor dambordpatronen met wit Carrara-marmer of Franse kalksteen. De komende maanden zal er heel wat Golzinne-marmer nodig zijn voor belangrijke erfgoedrestauraties. “Zoals de kathedraal van Doornik, maar ook het Capitol House of Sacramento in Californië en het paleis van Versailles.”

Zwart marmer uit België is ook populair bij hedendaagse architecten en beeldhouwers vanwege de uitstekende esthetische en technische kenmerken. Het wordt dus regelmatig gevraagd naar belangrijke architecturale bewerkingen omdat de duurzaamheid ervan wordt aangetoond door het zeer grote aantal architecturale realisaties waarin het werd gebruikt. In tegenstelling tot felle kleuren zijn zwart en wit vaste, weinig modegevoelige kleuren, zoals dit ook in de haute couture het geval is.

“Voor kleine restauraties hebben we altijd wel een voorraadje recuperatiemateriaal van dit exclusieve materiaal in huis,” zegt projectleider Maarten Vanoothegem van Group Monument. “Maar voor het Predikherenklooster was dit onvoldoende. Daarom hebben we samen met de architect de groeve bezocht, om ons te vergewissen van de diverse kwaliteiten.”

Kleine tegels

“In overleg met de erfgoeddiensten hebben we vooral twee courante maten voorgeschreven,” vertelt architect Cedric D’haese, projectverantwoordelijke bij Callebaut-Architecten.  “Het gaat om vierkante modules van 35 x 35 en 28 x 28 cm. 28 cm was de traditionele lengte van 1 voet in deze contreien.”

“De architecten hebben de geest van de steen perfect begrepen,” zegt Kezirian. “Door de beperkte afmetingen van de marmeren tegels en de ‘antieke’ oppervlakteafwerking – die speciaal voor dit project is ontwikkeld volgens de eisen van de architect – konden we de kosten van de marmerlevering beheersen. Verder beperkte het aanvaarden van kleine fossiele elementen in het marmer de snijverliezen. Dit resulteerde in een prijsvoordeel en een natuurlijker uitzicht, zonder de duurzaamheid van het gebouw aan te tasten. De ruwe en matte afwerking zorgt ervoor dat de vloer sober en minimalistisch blijft en ten opzichte van de rest van het gebouw niet alle aandacht naar zich trekt.”

Geen spiegelend biljartvlak

“Ik ken geen zwartere steen dan Noir de Mazy,” stelt D’haese. “In nieuwbouw wordt die doorgaans erg glad afgewerkt, zodat de vloer een spiegelend uitzicht krijgt. Hier wilden we dit expliciet niet gebeuren. Er moest wat reliëf in de vloer zitten. Dat sluit immers aan bij de eeuwenlange geschiedenis. We hebben de tegels op de bouwplaats met een diamantborstel opgeschuurd en daarna behandeld met lijnolie, zodat de diepe zwarte kleur weer volop tot haar recht kwam. Door het borstelen kwamen de imperfecties helemaal los en kreeg de steen een mat uitzicht en reliëf.”


Internationale groep

Opgericht in 1779, is De Merbes-Sprimont het oudste bestaande marmerbedrijf in Europa. Vandaag maakt het deel uit van de internationale groep Marbrek / Solubema. Naast Noir de Mazy exploiteert De Merbes-Sprimont ook de enige overgebleven deposito’s van Gris des Ardennes, Royal Rouge en Rouge Griotte uit België rond Philippeville. De eigen fabriek in La Buissière staat in voor zaag- en slijpwerkzaamheden.


Foto’s: Anthony Dehez / dbcreation.be