Plaatsing blauwe hardsteen op vloerverwarming

Steeds vaker worden speciale vloerverwarmingssystemen gepromoot omwille van hun efficiëntie. Niet alleen kan de dekvloer tijdens de uitvoering in dikte worden beperkt, dergelijk systemen kunnen net zo makkelijk aan- en uitgezet worden als een traditionele verwarmingsinstallatie. Bovendien zorgen ze tijdens de zomer voor een aangename verkoeling.

Gekalibreerde tegels

Omwille van de dunne opbouw bij dergelijke speciale vloerverwarmingssystemen zitten de leidingen dichter bij het tegeloppervlak wat een optimaal rendement ten goede komt. Ook voor de aannemer-tegelzetter is de manipulatie tijdens het plaatsen van vooral natuursteentegels een stuk aangenamer (lees: lichter). De tegels moeten in dit geval gekalibreerd zijn om de uitvoering van een perfect vlakke vloer te vergemakkelijken. Let wel: bij natuursteen worden de tegels gekalibreerd in dikte, in tegenstelling tot gekalibreerde keramische tegels. Bij die laatste worden enkel de afmetingen op maat gezet aangezien deze in dikte reeds na het bakproces maatvast zijn.

Plaatsingsvoorschriften

Toch wordt nog regelmatig natuursteen geplaatst op traditionele dekvloeren met vloerverwarming. Voor een goed en duurzaam tegelwerk moeten er enkele aandachtspunten nageleefd worden. Neem nu de Belgische blauwe hardsteen, of ‘Petit Granit’, eveneens een materiaal waarbij de tegelzetter rekening dient te houden met enkele specifieke plaatsingsrichtlijnen. Attente vloerleggers zullen wellicht eventjes spieken in de technische fiches, maar uit ervaring hebben we geleerd dat de gegeven informatie niet altijd op de letter wordt opgevolgd. Waarom dan niet, vroegen wij ons af?

Belgische Blauwe Hardsteen

De originele Belgische Petit Granit zou volgens onze bronnen afkomstig zijn van Soignies, Neuvilles, Ecaussinnes en het Condroz- en Molignébekken. Niet zo ver van ons af dus. De witte aders en fossielen typeren deze prachtige steen. Deze typische Belgische blauwe hardsteen is eigenlijk een donkere kalksteen. Wat betekent dat deze steen ook als een andere kalksteen (sedimentair gesteente) behandeld moet worden, zowel bij plaatsing als in onderhoud. De Technische Voorlichting 228 van het WTCB beschrijft onder meer de structuur van een technische fiche van natuursteen. In hoofdstuk 5.3 wordt ook de fiche van de ‘Petit Granit’ opgenomen, waar heel interessante en bovendien wetenschappelijk correcte informatie te rapen valt. In deze TV zijn echter geen plaatsingsspecificaties opgenomen. In de richtlijnen van de fabrikant wordt traditionele plaatsing op vloerverwarming niet meteen gepromoot en beveelt men voor plaatsing van natuursteen in het algemeen volgende zaken aan:

  • Na levering de tegels direct beschermen tegen regen, wind en vorst.
  • Tegels controleren op breuk of andere schade vóór de plaatsingsactiviteiten.
  • Alle tegels dienen gemengd te worden en, indien mogelijk, worden ze best vergeleken met het monster bij de aankoop.
  • Denk eraan: ‘Plaatsing is aanvaarding’.
  • Zorg voor een voldoende brede voeg.

Aandachtspunten

Zoals eerder vermeld worden bij de plaatsing van Belgische blauwe hardsteen best een resem aandachtspunten gerespecteerd. Wij zetten ze allemaal op een rijtje.

  • Onder de gewapende dekvloer een dubbele folie voorzien om vochttransmissie uit de onderliggende structuur te vermijden.
  • De nodige uitzettingsvoegen en randisolatie plaatsen.
  • De dekvloer voldoende laten uitdrogen, met name 1 week per cm dikte + 1 week. Het uitvoeren van een dekvloer van 6 cm dikte bijvoorbeeld, zou in voorkomend geval 7 weken moeten drogen vooraleer de eerste (ook al droge) blauwe hardsteen tegel er op geplaatst mag worden.
  • Vooraleer de vloerwerken aan te vatten eerst de vloerverwarming opstarten volgens de procedure van het WTCB, zijnde 5°C per dag tot de maximum werktemperatuur en vervolgens zo enkele dagen laten opstaan om daarna gestaag per 5°C/dag terug te laten afkoelen tot de gewone werktemperatuur.
  • De vloerbetegeling uitvoeren met rechte voegen. Dit betekent dat zonder systeemoplossing geschrankte plaatsingen af te raden zijn.
  • De lijm of mortellaag die op de uitgedroogde dekvloer uitgestreken wordt, in laagdikte beperken zodat ook minder restvocht uit het stelmiddel moet verdampen.
  • Een vloermatkader plaatsen aan de ingangen die rechtstreeks met buiten verbonden zijn om krasvorming en vroegtijdige slijtage te voorkomen.
  • De vloer na plaatsing niet bedekken met een dampdichte folie of dergelijke. Indien andere aannemers werken uitvoeren waarbij ze de vloer bijvoorbeeld afdekken met een dampdoorlatend karton, dient deze ’s avonds weggenomen te worden zodat de natuursteenvloer ’s nachts vrij kan uitdrogen.
  • De oplevering van een natuursteenvloer (lees: controle voor betaling) dient te gebeuren op een redelijke afstand (manshoogte) en nooit bij tegenlicht of schermerinval.

Deze richtlijnen zijn tevens een deontologische samenvatting om de plaatsing van natuursteentegels steeds uit te voeren volgens de regels van goed vakmanschap.

Opgelet voor schade

Steensoorten zoals Belgische blauwe hardsteen zijn vooral na een oppervlaktebehandeling zoals de verzoete uitvoering ook gevoelig voor krasvorming. Aan de hand van de schaal van Mohs (1-10) kan dit gemeten worden, doch meestal is na een lukrake plaatsing het kwaad reeds geschied en kan de vloer reeds bij aankoop een verkeerde bestemming hebben gekregen.

Na contact met zuurhoudende producten is het echter ook opletten geblazen. Bij het gebruik van dergelijke producten is de kans reëel dat de kalk die in dit steentype zit, zal reageren en het loopvlak van de tegel negatief zal beïnvloeden (matte vlekken, kratervorming, kleurverandering, enzovoort). Om die reden is het gebruik van zuurbevattende onderhouds- en reinigingsproducten uit den boze.

Ook een teveel aan watergebruik tijdens en na de plaatsing kan heel wat schade aan de steen berokkenen. Het WTCB-contact 2013/03.10 beschrijft vier verschillende fasen waarbij een oorzakelijk verband bestaat tussen het aanwezige vocht enerzijds en onzuiverheden en vlekvorming anderzijds:

  • Opmerkelijke doffe zones;
  • Vorming van witachtig poeder;
  • Lichte opwelving als gevolg van volumetrische uitzetting;
  • Afschilfering en kratervorming.

Watergebruik

Microscheurtjes, porositeit, capilariteit en het gehalte aan fossielfragmenten kunnen een grote rol spelen in de gevoeligheid voor afschilfering van het tegeloppervlak. Naast de eerder beschreven plaatsingsmodaliteiten, waaronder het voorzien van een degelijk vochtscherm onder de dekvloer, het respecteren van de droogtijden (dekvloer en stelmiddel), het gebruik van een geschikte (mortel)lijm en vermijden van vroegtijdige onderhoudslagen, is het vooral van belang ook bij onderhoud het gebruik van water zoveel mogelijk te beperken.

Indien alle partijen, met name leverancier, tegelzetter en bouwheer zich aan de voorschriften houden, kunnen ingewikkelde expertises achteraf makkelijk worden vermeden. Leve de Belgische blauwe hardsteen tegels!