Hervorming vennootschapsbelasting: 2 nieuwe maatregelen

De hervorming van de vennootschapsbelasting werd eind 2017 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en zal gebeuren in drie fases, gespreid over drie aanslagjaren. In dit artikel wordt er dieper ingegaan op de wijziging van het tarief, de bezoldigingsvereiste en de verhoogde investeringsaftrek.

Tarief

hervorming vennootschapsbelasting

Bezoldigingsvereiste

In de oude regeling was één van de voorwaarden de bezoldigingsvereiste om te voldoen aan de voorwaarden van het verlaagd tarief. De minimum bezoldiging werd in de nieuwe regeling verhoogd om “vervennootschappelijking” te bestrijden door de verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting.

Voor zowel kleine als grote vennootschappen is er in de toekomst een afzonderlijke aanslag bij toekenning van een te lage bezoldiging. Deze afzonderlijke aanslag is verschuldigd op het verschil tussen de toegekende bezoldiging en de minimale toe te kennen bezoldiging. De nieuwe regeling heeft wel een keuzestelsel voorzien voor verbonden vennootschappen om deze afzonderlijke aanslag te vermijden. Hierbij dient de helft van de bedrijfsleiders dezelfde natuurlijke personen zijn.

hervorming vennootschapsbelasting

Kleine vennootschappen gedurende hun eerste vier boekjaren vanaf oprichting, worden vrijgesteld van deze bezoldigingsvereiste en van de afzonderlijke aanslag.

Verhoging investeringsaftrek

Het tarief van de gewone investeringsaftrek is verhoogd tot 20% voor kleine vennootschappen, als voor éénmanszaken en vrije beroepen in de personenbelasting. De voorwaarden en toepassingsregels blijven ongewijzigd.

hervorming vennootschapsbelasting

Een kleine vennootschap heeft steeds de keuze tussen de notionele intrestaftrek of de investeringsaftrek. Vermits de notionele intrestaftrek wordt geminimaliseerd vanaf aanslagjaar 2019, zal het belang van de investeringsaftrek toenemen.

Bron & contact
Accountancy MON3AAN
info@mon3aan.be
09/247.47.65