Duurzaam ontginnen: geen optie, wel een must

Elk stukje natuursteen vertelt een eigen eeuwenlange geschiedenis. De natuur geeft het materiaal eigenhandig vorm met unieke patronen, structuren en samenstellingen. Dat geeft natuursteen ook meteen een duurzaam karakter. En dat niet alleen. Want ook bij de ontginning en productie van natuursteen komt zeer weinig CO2 vrij. Samen met de lange levensduur wordt natuursteen dan ook gezien als een materiaal met een duurzame levenscyclus helemaal in lijn met het cradle-to-cradleprincipe. En dat principe begint al bij de basis: de ontginning.

Vanuit een diep respect voor de natuursteen die iedere dag ontgonnen wordt, zet de volledige sector sterk in op duurzaamheid. Zo garanderen ze een milieuvriendelijk proces, van ontginning en productie tot distributie en recyclage. Ook het herstel van de natuur komt daar bij kijken. Onder meer met herbestemmingsplannen bij de ontginning van groeves, een absolute verplichting. Niet enkel voor de overheid van het land waar de groeve zich bevindt. Ook voor iedere ontginner die bezig is met het product en de kwaliteit ervan. “Wat je doet bij ontginningsactiviteiten is grondstof van de ene plek naar de andere verplaatsen”, zegt Gilles van Overberghe, gedelegeerd bestuurder van Brachot. “Daarbij produceer je geen afval. Toch beseft de sector dat er op het vlak van fauna en flora schade kan toegebracht worden. Daarom wordt alles streng gereglementeerd.”

Dat begint al bij de aanvraag van de licentie om een groeve uit te baten. Zo wordt al vooraf bepaald hoe diep je mag ontginnen, maar moet je ook financiële garanties geven. Je zet duidelijk op papier hoeveel tewerkstelling de groeve zal creëren, hoe de veiligheid gegarandeerd wordt, wat de impact op de omgeving zal zijn en je legt een waterdicht herbestemmingsplan voor. In dat plan staat exact beschreven wat met het terrein zal gebeuren wanneer de groeve uitgeput is of stil gelegd wordt. Wat precies moet en mag, verschilt van land tot land en van stad tot stad. Afhankelijk van de omgeving. Een gebied met veel meren, heeft bijvoorbeeld geen baat aan nog een extra meer.

Van resorts tot natuurparken

“Dat herbestemmingsplan moet goedgekeurd worden, want het doel is het herstel van de natuurlijke processen op de site”, zegt Gilles van Overberghe. “In binnen- en buitenland zijn tal van voorbeelden te vinden. In China creëerden ze bijvoorbeeld een ondergronds hotel of gaan ze voor grote toeristische parken, maar veel vaker wordt gekozen voor de aanleg van een natuurpark. In het Waalse Lessen bieden oude groeves vandaag bijvoorbeeld plaats aan natuurlijke meren, waar onder meer duikclubs gebruik van maken. Dat herstelproces kan trouwens al starten terwijl de groeve nog actief is. In onze eigen Silver Pearl groeve van Larvik Granite in Noorwegen planten we nu al bomen en struiken aan op de berg aarde die we creëren door de ontginning. De omwonenden zijn ook tevreden, want zo wordt het zicht op de groeve zelf weg gestopt. Herbestemmingsplannen zijn ook beschikbaar voor de groeves van Kilkenny Limestone, Granitarn en Cameleon.”

1 a Groeve Larvik Granite Noorwergen Silver Pearl voor en beeld na beplanting

1 b Groeve Larvik Granite Noorwergen Silver Pearl voor en beeld na beplanting

Een mooi voorbeeld van de mogelijkheden is de Hundred Acres Quarry in St. Cloud in de Verenigde Staten. Een voormalige rode granietgroeve werd in 1960 omgevormd tot een natuurpark waar vandaag natuurliefhebbers volop genieten van de voordelen van de oude groeve-activiteiten. Er is een meer van 12 meter diep, je kan er van kliffen springen, wandelen, fietsen, vissen, duiken en zelfs skiën. Het park lokt jaarlijks zo’n 125.000 bezoekers. “Er zijn geen eenduidige richtlijnen”, zegt Gilles nog. “Je houdt rekening met het klimaat, met de ligging en met de eigenschappen van het terrein. En je overlegt met de overheden en met de gemeenschap. Zo krijgt dat herbestemmingsplan vorm. Al zijn er wel enkele zaken die verplicht zijn. Je moet de site uiteraard opruimen en veilig zetten, de infrastructuur vernieuwen en het ecosysteem herstellen. Er wordt dus zeker niet licht over de ontginning van natuursteen gegaan.”

Positieve impact

Los van de groeve-activiteiten is natuursteen een materiaal met een positieve en bijzonder lange levenscyclus. Zo wordt enkel energie verbruikt bij de ontginning, het transport, de productie en de afwerking ervan. De CO2-uitstoot is zo goed als beperkt tot het transport omdat de voltallige sector actief investeert in energieneutrale sites. “Een Duitse studie uit 2019 toont aan dat natuursteen liefst 84 procent minder energie verbruikt dan bijvoorbeeld keramiek”, zegt dr. Kristof Callebaut, geoloog bij Brachot.

“Natuursteen heeft een levensduur van 50 à 75 jaar en kan daarna volledig gerecycleerd worden in andere sectoren, zoals de wegenbouw. Uit diezelfde studie blijkt dat keramiek een levensduur van 30 à 50 jaar heeft en moeilijk gerecycleerd kan worden. Hetzelfde geldt voor kwartscomposiet, met een levensduur van 25 à 30 jaar. Bovendien is voor de productie van beide materialen veel meer energie nodig. Bij Brachot zetten we actief in op het optimaliseren van ons machinepark, maar ook op het verduurzamen van al onze sites wereldwijd. We installeren zonnepanelen om te voorzien in groene energie, waterzuiveringsinstallaties en wateropvangsystemen, … Zo dragen we ons steentje bij aan het duurzame materiaal waar we elke dag opnieuw mee werken.”


Tekst en foto’s: Brachot