Aan onze kust wordt nog steeds heel veel gebouwd en verbouwd. Betekent meteen dat er ook veel tegels geleverd en dus geplaatst moeten worden. In Oostende sprongen we even binnen waar een plaatsingsteam volop in de weer was. Tussen de paletten tegels en lijmzakken door volgden we de schijnwerpers en het bekende geluid van een goede snijplank.

Nieuwe bestemming

Het is nooit evident om als zelfstandige tegelzetter grote werven te coördineren. Alles moet steeds kost wat kost zo snel mogelijk opgeleverd worden. Maar met een goede planning en correcte afspraken met bouwheer, architect en eventuele onderaannemers lukt het wel om enkele honderden m² op tijd te plaatsen. Aan onze kust werd het bewijs geleverd door Bernard De Pauw (Palto tegelwerken) en diens collega Davy Cathelijn. Dit perfect op elkaar afgestemd duo speelde het klaar om een dikke 1250 vierkante meter vloertegels in een appartementsgebouw, dat als nieuwe bestemming een hotelaccommodatie krijgt, binnen het vooropgestelde schema af te werken. De bouwheer koos er voor om in alle ruimtes dezelfde tegel te voorzien: een Italiaanse keramische houtparketimitatie 170 cm x 20 cm. Geen sinecure, daar alle regels van de kunst gerespecteerd moesten worden van diagnose van de ondergrond tot de voegafwerking. Wij begrepen al direct dat het hier niet meteen met een strakke 9-to-5-job zou lukken om de vooropgestelde deadline te halen!

Voorbereidingen

Een renovatiewerk brengt steeds extra aandachtspunten met zich mee. In voorkomend geval waren alle appartementen van het immens grote gebouw grotendeels van origine voorzien van een volledig verlijmd vasttapijt. Hier was alvast een accurate aanpak na het verwijderen van alle tapijtresten noodzakelijk. Er moest meteen gecontroleerd worden of de overgebleven lijmresten nog voldoende hechtten op de ondergrond. Daarnaast diende men rekening te houden met het feit dat sommige oude tapijtlijmen negatief kunnen reageren op het restvocht vanuit de uitgestreken tegellijm. Een beiteltest en natte “dweiltest” was dan ook op z’n minst op zijn plaats om een controle uit te oefenen op de ‘standvastigheid’ en duurzaamheid van de oude tapijtlijm. Uit een analyse die de tegelzetter van dienst liet uitvoeren, bleek de oude tapijtlijm synthetisch te zijn en compatibel met de te gebruiken tegellijm. Desalniettemin nam de tegelzetter van dienst het zekere voor het onzekere en bracht eerst een geschikte primer aan om een stevige hechtbrug tussen ondergrond en kleeflaag te verzekeren.

De oude vloeren van sommige andere ruimtes bestonden uit hout of gipsgebonden materie. Beide materialen moesten apart worden voorbehandeld, met name enerzijds een zuivere hechtbrugprimer voor de gipsgebonden lagen en anderzijds door het aanbrengen van een ontkoppelingsmembraan op de houten ondergronden.

Plaatsing en afwerking

Vooraleer de tegelzetter de effectieve plaatsingsactiviteiten opstartte, zorgde hij en zijn team ervoor dat alle ondergronden ontdaan waren van stof, vet en andere resten zoals gips bijvoorbeeld. Het is bovendien evident dat de dekvloeren, naast de compatibiliteit van alle hechtingslagen, al evenzeer dienden te voldoen aan de andere klassieke controlecriteria zoals stabiliteit, haaksheid, niveau/peil, hardheid, porositeit, (rest)vochtigheid (carbuurmeting met een CM-toestel is nog steeds het meest nauwkeurig!), enz.

Een vraag die men zich kon stellen was: “Tot welke categorie behoort een tegel met dergelijke afmetingen (170 cm x 20 cm)?” Als men kijkt naar de definitietabel van de laatste nieuwe XXL-richtlijnen van EITA (European Innovative Tile Academy), kan men vaststellen dat dergelijke tegels behoren tot de categorie XXL (zijlengte >100 cm ≤ 300 cm). Er waren dus twee zaken om in het oog te houden:

  1. De ‘Buttering/floating’-methode tijdens het verlijmen. Wat hier zeer zeker werd toegepast. Hiervoor werd een bij ons minder bekende maar niet minder performante Italiaanse tegellijm gebruikt met zeer grote flexibiliteit en lange verwerkbaarheid. De lijmrillen werden zoals het technisch hoort te zijn parallel op elkaar ingeschoven zodat een maximale overdracht van de kleefcement gegarandeerd werd.
  2. Controle van de vlakheid van de tegels over hun diagonalen. Keramische tegels moeten binnen de tolerantie vallen van maximum 2 mm volgens de Europese Norm EN 14411. Na een willekeurige controle bleken alle tegels te voldoen aan deze norm en konden ze bijgevolg zonder niveauverschillen onderling moeiteloos geschrankt geplaatst worden.

Met een voegbreedte van ±3 mm werd alles netjes afgewerkt met een voegmortel van dezelfde fabrikant. En doordat de tegelzetter met een maatbeker het aanmaakwater in perfecte verhouding toevoegde tijdens het mixen, was geen krimp van de uitgeharde voegspecie merkbaar. Bijgevolg was inzakking van de voegen uitgesloten, net als verkleuringen achteraf. De vloerlegger vestigde ook nog de aandacht op het feit dat bij het reinigen van de tegels de spons ten hoogste halfnat mag zijn om een teveel aan afwaswater in de voegporiën te vermijden. “Tijdens de uithardingsfase moeten cementgebonden voegen gevrijwaard worden van contact met overtollig vocht”, aldus de tegelzetter van dienst.

En zo hebben we alweer iets bijgeleerd daar op de werf van Palto in Oostende…

Definition Format Surface area Side length
Thin ceramic tile L < 3600 cm2 ≤ 60 cm
Thin ceramic large format tile XL ≤ 10000 cm2 > 60 cm ≤ 100 cm
Thin ceramic panel XXL ≤ 30000 cm2 > 100 cm ≤ 300 cm
Thin ceramic slab SL > 30000 cm2 > 300 cm

Definitietabel EITA


Tekst + foto’s: tileXpert

Dat Ton Borrenbergs (Voorzitter NITA) en Peter Goegebeur (Directiesecretaris BITA) twee handen op één buik zijn, hoeft geen betoog meer. Deze docententandem buigt zich al jaren over de nood aan opleidingen voor tegelzetters in de BeNeLux. Maar om kwaliteitsvolle scholingen te kunnen organiseren zijn op de eerste plaats bekwame en gedreven leraars nodig. En of die nog te vinden en gemotiveerd zijn om vooral jongeren voor dit knelpuntberoep warm te maken, konden we zien, voelen en horen in de ateliers van de NOA te Veenendaal (NL).

Over NOA

NOA is dé brancheorganisatie voor ondernemers in de afbouw in Nederland. Aannemers in tegels en terrazzo, natuursteenbewerking, plafond- en wandmontage, stukadoors en all-round afwerkers kunnen zich er aansluiten. NOA fungeert er niet alleen als sterke gesprekspartner namens de branche, maar zet zich ook in als het gaat om opleidingen, personeel, incasso, juridisch advies, reclame en nog veel meer. Het bestuur van deze vereniging behartigt tezamen met een professioneel secretariaat alle collectieve en individuele belangen van aangesloten ondernemers. Ze hebben zo’n kleine 2000 leden/belangrijke bedrijven die gezamenlijk representatief zijn voor tenminste twee derde van de totale omzet in de afbouw- en natuursteenbranche.

Daar waar individuele bedrijven te klein zijn, kan NOA namens het collectief een sterke vuist maken. Samen met alle aangesloten ondernemers houden ze de naam en het niveau in onze branche hoog. NOA ondersteunt díe zaken waar je je niet alle dagen mee bezig houdt, maar die wél heel belangrijk zijn voor het bedrijf. Een beetje zoals in België de Bouwunie en Confederatie Bouw zeg maar, waar FECAMO (Fédération des Carreleurs et Mosaïstes) en FEDECOM (Federatie van de Complementaire Ondernemingen van het Bouwbedrijf) in ondergebracht zijn.

In Nederland is spiegelbeeld BOVATIN een onderdeel van NOA geworden en kan dan ook gebruik maken van alle bijkomende faciliteiten, zoals onder meer het ter beschikking stellen van de praktijkateliers voor hun opleidingen ‘Tegelzetten’, die door hun vaste opleidingspartner NITA (Nederlandse Innovatieve Tegel Academie) worden verzorgd. Een logische constructie die efficiënt werkt en waar eenieder zijn verantwoordelijkheid draagt.

VMBO versus BSO

Het Vlaamse schoolsysteem in vergelijk met het Nederlands beroepsonderwijs ziet er kort samengevat als volgt uit.

De meeste leerlingen die in Nederland naar het VMBO (voorbereidend Middelbaar BeroepsOnderwijs) zouden gaan, moeten een traject van 4 jaar te doorlopen dat 4 leerwegen kent. Deze leerwegen verschillen van elkaar in niveau en omvang van beroepsgericht en theoretisch onderwijs.

1) Theoretische leerweg (vmbo-t):

In deze leerweg volgen leerlingen over het algemeen alleen algemeen vormende (AVO-) vakken. AVO staat voor “Algemeen Vormend Onderwijs” met vakken zoals Nederlands, aardrijkskunde, geschiedenis, lichamelijke opvoeding, enz.

2) Gemengde leerweg:

In deze leerweg volgen leerlingen over het algemeen 1 avo-vak minder. In plaats daarvan krijgen ze 4 uur beroepsgericht onderwijs. De avo-vakken zijn van hetzelfde niveau als in de theoretische leerweg.

3)Kaderberoepsgerichte leerweg (vmbo kader):

In deze leerweg volgen leerlingen zo’n 12 uur beroepsgericht onderwijs. De avo-vakken zijn van een iets lager niveau dan in de gemengde en de theoretische leerweg.

4) Basisberoepsgerichte leerweg (vmbo basis):

In deze leerweg volgen de leerlingen zo’n 12 uur beroepsgericht onderwijs. De avo-vakken zijn van een iets lager niveau dan in de kaderberoepsgerichte leerweg.

In België daarentegen gaan de leerlingen naar het beroeps secundair onderwijs (BSO) en doorlopen dan een traject dat 6 jaar duurt. Het is vooral een praktische onderwijsvorm, waarin stages en praktijk zelfs meer dan de helft van het lessenrooster kunnen omvatten. Theoretische vakken dienen hier louter ter ondersteuning van de praktijk. Dit moderne en meest ideale ‘duaal leren’ is quasi gelijktijdig vaardigheden ontwikkelen op school én op de werkvloer. Een 7de specialisatiejaar is steeds mogelijk, maar daar zitten naar onze informatie de stukadoors en tegelzetters nog steeds samen…

Op de Nederlandse vmbo-scholen daarentegen kunnen er sinds kort binnen de sector keuzevakken worden aangeboden. In voorkomend geval ‘Bouw’ met keuzedeel ‘Tegelzetten’. Hier kunnen 12- tot 16-jarigen officieel tot 100 uur specifiek onderwijs krijgen met betrekking tot het tegelzettersberoep. Het gaat hem hier natuurlijk nog altijd om de basic skills voor jongeren. Voor de échte vakmanschapsopleiding komen ze in Nederland uiteindelijk dan bij het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) terecht.

Speciaal trainingsprogramma

In het kader van het nieuwe Nederlandse initiatief voor jonge tegelzetters, moesten ook de leraars bijgeschoold te worden. De meeste vakdocenten op het vmbo beheersen namelijk het tegelzettersvak nauwelijks of zelfs niet. Maar door bereidwilligheid om zich ook verder in dit afwerkingsberoep te willen ontwikkelen, werden de NITA en de BITA ingeschakeld om als opleidingsorganisme voor dit toekomstig leraarsequipe te fungeren.

Een specifieke cursus ‘Tegelzetten’ werd voor deze groep zorgvuldig ontwikkeld en zo geschiedde het. Verschillende dagopleidingen werden georganiseerd met als thema “Basis Tegelzetten voor Praktijkdocenten”. Zowel theorie, technologie als praktijkoefeningen kwamen ruimschoots aan bod. De nadruk werd niet alleen gelegd op de techniciteit maar ook op de specifieke manier van stapsgewijze kennisovergave. Nauwkeurig gepland en met oog voor detail werden de 12 tegelzettersdocenten in spe door experts Ton Borrenbergs en Peter Goegebeur begeleid en opgeleid in een apart ingericht hardware gedeelte van het professionele en moderne atelier van NOA.

Na afloop van verschillende goed georganiseerde sessies logen de evaluatieformulieren er niet om met een gemiddelde score van maar liefst 95% voor programma en begeleiders! Elke deelnemer bereikte zonder probleem de eindstreep en werd met enige fierheid bezitter van een zeer begeerd ‘ITA’-diploma.

Volgt België binnenkort het voorbeeld van onze Noorderburen?


Tegelzetten voor docenten is enkele jaren terug ontstaan binnen het Technisch Comité van het EUF (https://www.euf-federation.com) onder het motto ‘Teach the Teacher’. Elk jaar opnieuw wordt er in een van de aangesloten landen een tweedaagse cursus georganiseerd. EUF TC-voorzitter Peter Goegebeur voorziet een ‘Special Edition’ begin 2022 in Sassuolo (IT) en een vervolg in Pilzen (CZ) in samenwerking met EITA (European Innovative Tile Academy) en zijn business partners.

Info programma’s: eita@eita.eu (najaar 2021).


Tekst + foto’s: tileXpert

Het bestuur van BITA bleef ondanks de tegenstribbelende coronaperikelen hard werken achter de coulissen. Met het oog op de mogelijkheid om binnenkort weer veilig uit de opleidingsstartblokken te kunnen schieten, werd een langverwachte nieuwe workshop in het BITAtelier te Zedelgem georganiseerd. BITA-topdocent Lars Vandewiele kon na het bouwverlof de spits afbijten met een praktijkcursus ‘Verstekken en Tegelranden afwerken’.

Korte historiek

Begin 2016, toen Peter Goegebeur nog actief Nationaal Voorzitter van FECAMO (FEdération des CArreleurs et MOsaïstes) was, diende hij een voorstel in om een tegelzettersschool op te richten in de schoot van deze federatie. Dit idee werd toen door de Raad van Bestuur verworpen. Men toonde geen interesse om te investeren in dergelijk project.

Peter gaf toen al volop avondles en bedrijfsopleidingen voor tegelzetters, waaronder bij Vilvordit (nu TYLES). Op de prachtige site van dit vooraanstaand tegelimportbedrijf ontstond samen met de technisch adviseur van RUBI, Bert Uittenhove, het toen lumineuze idee om samen een innovatieve tegelzettersacademie op te richten. Op 12 augustus van hetzelfde jaar (2016) was het al zo ver. Na verschillende succesvolle dagopleidingen ‘Manipuleren, bewerken en plaatsen van grootformaattegels’ bij TYLES werd tussen pot en pint in primeur de Belgische Innovatieve Tegel Academie geboren! Met de toenmalige hulp van ondertussen heel bekende tegelzetters zoals Steve Lavrijssen, Wim Verkinderen, Patrick Holderick, Mathieu Devriese, Björn Vangeersdale, Kenneth Decruw, en Lars Vandewiele, kon deze exclusieve school voor tegelzetters (in spe) met een sterk team debuteren.

Doelstelling van BITA vzw

Het doel van deze tegelschool was (en is nog steeds…) algemene diensten verlenen aan derden, fabrikanten, tegelzettersbedrijven, sympathisanten, scholen, enzovoort. Het pakket houdt onder meer in: het verzamelen van informatie, verlenen van advies met betrekking tot het beroep, opstellen van syllabussen en doceren met powerpointvoorstellingen, verzorgen van technologische cursussen en praktijkopleidingen, organiseren van activiteiten met betrekking tot de ruwbouw afwerking, organiseren van workshops en training-days, opleiden van docenten en instructeurs, begeleiden van toegepaste technieken en innovatieve systemen, verzorgen van demonstraties, organiseren van roadshows, organiseren van bedrijfsbezoeken in binnen- en buitenland, bestuderen van binnen- en buitenlandse technisch/wetenschappelijke plaatsingsrichtlijnen, onderzoeken van producten en systemen en uitvoeren van objectieve testen met betrekking tot plaatsingsmaterialen- en gereedschappen in samenwerking met onder meer het WTCB (Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf), verbeteren van systemen met betrekking tot efficiëntie en veiligheid, bemiddelen in expertises, maken van foto- en filmreportages, en uitgeven van een BITA- infoblad, wat inmiddels via Polycaro is bewaarheid geworden.

Een terugblik bevestigt dat al meer dan 90% van de vooropgestelde doelen vandaag zijn bereikt, dankzij de ondersteuning van de vele prominente partners, stuurgroepleden en sympathisanten die nog dagdagelijks op de werkvloer staan, en het geloof in dit voor de tegelzetter prachtige project. Vandaag geslaagd? Zeer zeker! Temeer BITA ook de vervelende en lange COVID-19-peridode heeft overleefd en nooit bij de pakken is blijven zitten.

BITAtelier en TegelzettersAtelier

Een gevolg van het ganse BITA-verhaal is het zien groeien van beginnende tegelzetters en tegelzettersbedrijven tot volwaardige specialisten in hun vak. De meesten hebben het prille begin en ook de positieve evolutie van BITA meegemaakt, vele opleidingen en workshops gevolgd, en hun “zeg” kunnen doen in de jaarlijkse open stuurgroepvergaderingen. Dankzij hun vele partners en sponsors heeft BITA sinds kort zijn eigen opleidingscentrum kunnen bouwen in Zedelgem bij Brugge, gedoopt “BITAtelier”. De ruwbouw van het geïntegreerde theorielokaal werd mede gerealiseerd door Tom Verstaen (Staenis) en voornoemde bestuursleden.

Onder leiding van een drietal ondertussen alom bekende professionals uit het tegelzetterslandschap worden er regelmatig innovatieve workshops georganiseerd. De ondersteunende partners kan u terugvinden via www.BITAcademy.be.

Ook de facebookgroep ‘TegelzettersAtelier’ groeit zienderogen, dank zij de stuwmotor van BITA. Met zijn reeds 2000 (!) leden beweegt het tegelzettersgebeuren als ooit tevoren. Niet alleen krijgt de beroepsfierheid terug een plaats in het tegelzetterslandschap, ook de verzuchtingen van de tegelzetter worden er met arendsogen opgevolgd. In het najaar 2021 zal BITA zijn kersvers opleidingsschema bekend maken, waar rekening zal gehouden worden met de wens van de tegelzetter. In de wandelgangen hoorden we geruchten over een nieuwe opleidingspartner. Benieuwd? Dan kijkt u best uit naar de volgende editie van Polycaro, numero 76!

Tekst + foto’s: TECNO TILE NEWS

Indien zich een probleem in een tegelwerk voordoet, wordt vaak automatisch met de vinger naar de tegelzetter gewezen. Bij het loskomen van een tegelzone in een livingvloer was dit het geval. De tegelplaatser werd gecontacteerd en door de bouwheer in gebreke gesteld voor een plaatsingsfout. Een expert echter dacht daar toch ietwat anders over…

De situatie

Een privatief renovatieproject bestond uit een uitbreiding van een woonruimte met verandagedeelte waar over het volledige oppervlak een vloertegels werden voorzien. De architect had voor het nieuwe bouwgedeelte het niveau van de bestaande vloerplateau genomen waar voorheen een tapijt op verlijmd was. Op die manier konden keramische vloertegels (60 cm x 60 cm x 8 mm) in één “lijn” doorgetrokken worden over het volledige oppervlak zonder opstapje. De tegelzetter stelde voor om het oude gedeelte na het wegnemen van het tapijt perfect te egaliseren en in het nieuwe gedeelte een cementgebonden dekvloer te laten aansluiten. En zo geschiedde het. Het tapijt werd weggenomen waarna de harde lijmresten grosso modo afgeschuurd werden en vervolgens een “dweiltest” preventief werd uitgevoerd. Het is namelijk zo dat sommige tapijtlijmen kunnen “verzepen” bij aanraking met het aanmaakwater uit de tegellijmspecie en dit uiteraard beter voorkomen dan genezen wordt.

Daarna bracht de tegelzetter van dienst een primer aan waarop een egalisatielaag werd aangebracht. In het nieuwbouwgedeelte plaatste men een goed verdichte met 225 kg Portlandcement per m³ grof rivierzand. De water/cementfactor werd als “aardvochtig” berekend. Op de werf controleert men dit doorgaans met de vuisttest. Men neemt een handvol dekvloermortel in de hand en drukt die even samen. Indien de massa uit elkaar valt, gaat men ervan uit dat er te weinig water werd toegevoegd. Als de handpalm nat is zou er te veel water in de dekvloerspecie aanwezig zijn. Vandaar de term “aardvochtig” in het vakjargon regelmatig wordt gebruikt.

Natte voegen

Enkele jaren na de plaatsing van de vloer stelde de bouwheer plots water vast doorheen de tegelvoegen. Sommige voegen begonnen, naast verkleuring, te degraderen. Verschillende tegelzones lieten bij het belopen een holle klank na. Zonder aarzelen contacteerde de eigenaar de tegelzetter van dienst die op zijn beurt een gespecialiseerd detectiebedrijf onder de arm nam om dit fenomeen te onderzoeken.

In een rapport formuleerde men een korte samenvatting als volgt:

Schadebeeld:

  • vloertegels komen los in de zone naast het kookeiland met gootsteen;
  • sterk verhoogde vochtwaarden in de vloer;
  • vochtschade onderaan de muur;
  • in de zone van schade bevindt zich de afvoer van het toilet en de keuken

Opmerking:

  • de woning vertoont ook in het algemeen vochtschade onderaan de muren van de living en de aanbouw;
  • er is vermoedelijk ook een bouwkundig probleem van te lage bepleistering en probleem met de waterkering;
  • er wordt door de verzekerde melding gemaakt van een eerdere wateroverlast rondom de woning, waarbij vermoedelijk water de vloerplaat is binnengedrongen

Inspectie:

  • een druktest op de waterleidingen toont geen drukverlies;
  • er is geen drukverlies op de centrale verwarming;
  • infraroodbeelden bevestigen de schade, maar leveren geen duidelijke indicatie van de oorzaak;
  • camera-inspectie van de toiletafvoer kan hier geen gebreken aantonen;
  • camera-inspectie van de keukenafvoer toont wel een aanzienlijke verstopping van de keukenafvoer, waardoor de inspectie niet kan worden verdergezet;
  • er is volgens de verzekerde mogelijk een niet-toegankelijke inspectieput aanwezig onder de keuken:
  • indien deze effectief aanwezig is, kan deze door de verstopping voor overlast zorgen

Conclusie

De inspectie toont een aanzienlijke verstopping van de keukenafvoer.

Om alle twijfels te neutraliseren toonde verder onderzoek van deze firma aan dat de schade zich voordeed ter hoogte van een reductie-aansluitstuk van de keukenafvoer met de hoofdafvoer onder de vloer. Alles wees erop dat er een overlast geweest was onder druk van de verstopping, waardoor het aansluitstuk brak en ging lekken. Ondertussen had het water zich onder de vloeropbouw gedurende enkele maanden kunnen verspreiden waardoor volledige tegelstukken doornat werden met alle gevolgen vandien. In het renovatiegedeelte begonnen alle tegels te onthechten, maar niet in het nieuwbouwgedeelte waar de tegels op een uitgeharde dekvloer rechtstreeks verlijmd werden. Een mysterie dat uitgeklaard diende te worden.

Destructieve activiteit

De tegels die geplaatst werden in het bijgebouwd woongedeelte bleven dus eigenaardig genoeg intact, niettegenstaande ze op hetzelfde moment en door dezelfde tegelzetter geplaatst werden. De hamvraag was: “Hoe komt het nu dat alle tegels in het renovatiegedeelte los zijn gekomen en de tegels in het nieuwbouwgedeelte geen enkele vorm van schade vertonen?” Een gespecialiseerd expert was er dus best op z’n plaats waarbij een destructief onderzoek zich logischerwijze opdrong om de ware oorzaak te kunnen achterhalen.

Er werden met toelating van de eigenaar een aantal tegels verwijderd waarbij ook de onderliggende lagen gecontroleerd werden. De deskundige deed er volgende vaststellingen:

  • 1) Het verwijderen van de tegels ging heel vlot, niettegenstaande de vereiste lijmoverdracht was gehaald. Volgens de TV 237 van het WTCB moet het contactoppervlak ten minste 70% zijn, gelijkmatig verdeeld. Volgens BITA dient de lijmoverdracht voor tegels tot 100 cm x 100 cm toch beter minimum 80% te zijn zodoende zo veel mogelijk holle klanken te voorkomen.

Na het stofvrij uittrillen van de tegelvoegen konden volledige tegels schadeloos en zonder veel moeite opgetild worden en de onderliggende lagen onderzocht.

  • 2) Het niveau het “oude” vloergedeelte werd effectief gecompenseerd door een laag egalisatiemortel. Verklaring is dat dit noodzakelijk was om de aansluiting van het “oude” vloerbedekkingsgedeelte waar vermoedelijk een dunner tapijt op verlijmd is geweest (te zien aan de smalle bruinkleurige lijmkanalen) te kunnen aanpassen aan de nieuwe ruwbouwomstandigheden.
  • 3) De expert stelde vast dat er een breuk is ontstaan tussen de tegellijm en een nog steeds vochtige nivelleringslaag.
  • 4) Er werd vooraf een primer geplaatst op de bestaande ondergrond (te zien aan de roze kleur) met het oog op het verzekeren van een goede hechtbrug tussen bestaande ondergrond en egalisatiemortel.
  • 5) Er zijn sporen van oude tapijtlijm duidelijk te zien (typische smalle lijmkanalen).
  • 6) De egalisatielaag was losgekomen van de ondergrond en was nog kleddernat.
  • 7) Na weken droogtijd was nog steeds veel vocht aanwezig tussen de onderliggende basislagen waardoor mogelijks ook een reactie was ontstaan tussen primer en oude tapijtlijmresten.

De deskundige merkte ook nog een voldoende breed Schlüter uitzettingsprofiel op tussen de twee aaneensluitende bouwdelen, waaruit kon worden afgeleid dat de nodige dilatatievoeg op z’n plaats zat en ook hier de tegelzetter zijn werk correct had uitgevoerd.

Besluit expert

Na enig overleg met betrekking tot het oorzakelijk verband volgde een volgens de deskundige logische verklaring, dat als volgt werd samengevat:

  • 1) De nog steeds vochtige ondervloer wees ontegensprekelijk op een langdurig contact met water. Keramische tegels laten immers geen damp door (WTCB TV237 + ISO 13006 – BIa: ≤ 0,5%), waardoor er drukspanningen onder het tegelwerk zijn ontstaan.
  • 2) Door het sponsfenomeen dat op termijn tot stand werd gebracht door opname van vocht in de zand-cement-samengestelde dekvloermortel heeft het overtollige water voor aantasting van primer en egalisatielaag gezorgd.
  • 3) De egalisatielaag geeft op zijn beurt vocht door aan de tegellijm waarbij continue dampdruk een scheidingslaag tussen egalisatie en tegellijm heeft gevormd.
  • 4) In het nieuwe gedeelte deed dit fenomeen zich niet voor omwille van de grotere treksterkte en lijmcohesie rechtstreeks op de dekvloer, die op zijn beurt een grotere huidtreksterkte heeft dan een dun laagje egalisatiemortel.
  • 5) De tegelwerken werden bijgevolg vakkundig uitgevoerd, te zien aan de toegepaste dubbele verlijming en de aanwezigheid van de nodige uitzettingsvoegen. De verklaring dat de vloer van het nieuwe ruwbouwgedeelte geen directe schade vertoont, ligt aan de basis van de losgekomen laag natte egalisatiemortel in het renovatiegedeelte.

In secondaire orde, het vochtige pleisterwerk werd veroorzaakt door een koudebrug die ervoor heeft gezorgd dat plinten onthechtten. Dit fenomeen had rechtstreeks niets te maken met het waterlek en kan verholpen worden door het vermijden van het overbruggen van de waterkeringslaag.

Verder concludeerde de deskundige dat een volledige herplaatsing van desbetreffende vloer, alle onderliggende lagen inbegrepen, de enige optie is tot herstel maar wel na volledige uitdroging van de totale vloeropbouw.

De tegelwerken werden ontegensprekelijk uitgevoerd volgens de regels van de kunst en het goede vakmanschap. Er werd dus geen enkele plaatsingsfout gemaakt. De tegelzetter kon niets ten laste worden gelegd en ging (terecht) vrijuit.


Tekst + foto’s: tileXpert

Als men het heeft over de objectiviteit waarmee men met bepaalde anomalieën omgaat, evalueert en in een verslag giet, dan kunnen er wellicht wel eens vragen rijzen. De oorzaak bepalen van een probleem dat zich in een tegelwerk stelt, zal meestal verder te zoeken zijn dan de zichtbare gebreken alleen. Een moment dus om een deskundige aan te spreken die zijn handen uit z’n zakken durft te halen.

Definitie expert

Wie en wat maken eigenlijk het verschil bij een praktisch geschil? Zelfnominerende experten duiken tegenwoordig op bij de vleet, maar zijn ze wel voldoende onderlegd om een misgelopen plaatsing te beoordelen? Expertise bestaat uit kennis, algemene vaardigheden en praktische ervaring van een persoon, met name de expert(e). Een expertise op zich kan een deskundig onderzoek zijn en wordt niet zomaar uit de lucht gegrepen. In veel expertisedomeinen is het normaal dat men minimaal 10 jaar ervaring heeft opgedaan voordat er sprake kan zijn van de nodige expertise. Een deskundige moet het onderscheid kunnen maken tussen een bekwame expert en amateurs die graag de titel van expert dragen.

Expertise wordt vaak ook wel deskundigheid of vakbekwaamheid genoemd. Het wordt vaak als een vorm van macht op de werf gezien omdat de kennis van een specifiek vak veel verder reikt dan de verschillende visuele aspecten. Het is dus als het ware voorbehouden aan een select groepje dat zich verder kon verdiepen in een bepaalde materie. Zelfverklaarde experten hebben zich veelal nog niet bewezen en hebben niet de nodige voeling met wetenschappelijk-technische centra en gespecialiseerde adviseurs. Dergelijke wijsneuzen vertegenwoordigen meestal een klant waarbij alle objectiviteit verloren gaat, net als de waarde van de replieken die onder partijen worden aangevoerd. Van een (tegel)plaatsingsexpert wordt dus verwacht dat hij of zij veel meer kennis en ervaring heeft op het gebied van tegelkennis en plaatsingsmethodes dan diegene die het heeft uitgevoerd.

Een expert kan ofwel minnelijk optreden (1), ofwel gerechtelijk, aangesteld door de bevoegde Rechtbank (2).

Minnelijke Expertise

Een minnelijke expertise is een relatief snelle procedure en kan op twee manieren:

  • a) Eenzijdig: één van de partijen doet beroep op een specialist om de werken te beoordelen. De rechter oordeelt over de waarde van het verslag.
  • b) Gezamenlijk (ook ‘expertise op tegenspraak’ genoemd): beide partijen komen overeen om samen eenzelfde expert aan te stellen. De waarde wordt gelijkgesteld met deze van een gerechtelijk onderzoek.

Het aanstellen van een minnelijk expert kan gevoelig tijd- en kostenbesparend zijn voor beide partijen!

Gerechtelijke Expertise

  • De Rechter stelt zelf een gerechtsdeskundige aan uit een lijst van meestal ingenieur-architecten.
  • Het verslag heeft nog altijd een adviserend karakter, maar de rechter volgt meestal de inhoudelijke gedachtegang van de deskundige.
  • Deze procedure is duur en neemt meestal veel tijd in beslag vooraleer er een uitspraak komt.

Recent schadegeval

Een derde mening wordt meestal pas ingeschakeld als er zich een al probleem heeft voorgedaan en partijen het niet eens raken over de oorzaak, oplossing en preventie. Al goochelend met deskundigen die in veel gevallen nog niet veel kaas van tegels hebben gegeten, grijpen sommigen dan maar simpelweg en noodgedwongen naar “losse” literatuur om een tegelwerk dan maar naar eigen goeddunken te beoordelen. Maar het gaat veel verder dan dat!

Op een privésite in het Brusselse stootten we op een dunne keramische tegel die op een nieuwe cementgebonden dekvloer verlijmd werd. Naar informatie van de bouwheer zou in 2012 een keramische tegelvloer 1000 mm x 1000 mm x 3,5 mm (± 0,5 mm dikke glasvezelversterking aan de legzijde inbegrepen) zijn verlijmd op een voldoende uitgeharde ondergrond. Reeds na enkele maanden ingebruikname vertoonden de vloertegels kratertjes die dwars doorheen de massa van het keramisch materiaal tot op het versterkingsnet te zien waren. Nochtans zou de buttering-floatingmethode zijn toegepast zoals het hoort. Zowel op de ondergrond als op de tegellegzijde werden naar zeggen van de tegelzetter van dienst tegellijmrillen rechtlijnig aangebracht en vervolgens parallel ingeschoven. Na een eerdere vaststelling van krater- en barstvorming in de vloer tijdens de prille ingebruikname zouden reeds enkele tegels vervangen geweest zijn. Doch dit fenomeen herhaalde zich reeds enkele maanden na de herplaatsing opnieuw. Hoog tijd dus om te onderzoeken wat de werkelijke oorzaak van dit fenomeen zou kunnen zijn.

Visuele anomalieën

Na heel wat heen en weer gemail en enkele plaatsbezoeken konden de verschillende partijen, met name de eigenaar, de leverancier van de tegels, de architect, en de tegelzetter van dienst,  zich niet verzoenen. Er bleef tenslotte maar één oplossing over: het inschakelen van een gerechtsdeskundige. Volgende anomalieën werden op een rijtje gezet:

  • Barstvorming die zich ter hoogte van de overgang living/keuken manifesteerde, was te verklaren door het ontbreken van een noodzakelijke uitzettingsvoeg.
  • In de keuken vertoonden enkele tegels kleine kratertjes en inslagputjes aan de oppervlakte die veroorzaakt werden door vallende voorwerpen, vermoedelijk een pot of mes (puntbelasting), hetgeen tijdens de gesprekken bevestigd werd door de bouwheer tijdens het onderzoek.
  • Ook ter hoogte van een deur die met de tuin verbonden was, werd een kraterinslag opgemerkt.
  • Na een willekeurige kloptest met een speciaal hamertje bleken de tegels in het algemeen toch voldoende vast te liggen. Er waren op dat moment geen opvallende holle klanken waarneembaar.
  • Tegelvoegen degradeerden niet maar er waren wel hier en daar kleine haarscheurtjes langsheen de tegelranden aanwezig.
  • Vervolgens werd een putje in het midden van een keukentegel uitgekrabd met een breekmes tot op de glasvezelversterking, waarbij men duidelijk kon zien dat op die plaats geen tegellijm aanwezig was.

Tijdens de expertise werd verwezen naar de recentste genormaliseerde literatuur met betrekking tot de plaatsing van dunne keramische XL-tegels, met name de ISO TR 17870-2, testmethodes voor dunne keramische tegels in voorbereiding en bijgevolg tot op heden niet officieel beschikbaar: ”ISO test methods for thin ceramic tiles and panels, as well as ISO 13007‑5 dealing with liquid-applied waterproofing membranes for use beneath ceramic tiling bonded with adhesives, are under preparation. For these products to give satisfactory service, they need to be selected and installed competently, and they have to receive appropriate initial treatment, protection, and maintenance”.

Destructief onderzoek

Om de samenstelling en diktes van de onderliggende lagen te controleren, liet de gerechtsdeskundige een cilinder uit de vloer frezen ter hoogte van de inslagen. Tijdens de boring kwam al meteen een stukje tegel gemakkelijk los. Op de dekvloer zelf was duidelijk een wafelstructuur in de het uitgeharde lijmbed te zien, wat wees op een gekruiste verlijming. Het uitschijven van een ander rechthoekig stuk uit een geplaatste tegel bevestigde nogmaals een continue gekruiste ‘buttering/floating’-toepassing. Een creatie van luchtkamertjes onder de tegels werd bevestigd, en betekende meteen ook dat waar lucht ingesloten is geen tegellijm kon zitten.

Een tweede bron die werd aangehaald ter staving van het pleidooi van de gerechtsdeskundig waren de XXL-plaatsingsrichtlijnen voor dunne keramische grootformaattegels (indoor) van het EUF (de Europese tegelzettersfederatie), dat in samenwerking met EITA (Europese Innovatieve Tegel Academie) een drietal jaar terug werden opgesteld. Daarin staat vermeld: “Om een maximaal contact tussen tegel, lijm en ondergrond te garanderen (streven naar 100%), is het raadzaam om het aankloppen of machinaal trillen van een tegel steeds vanuit het midden te beginnen en vervolgens geleidelijk rechtlijnig naar buiten toe te drukken. De lijmrillen zelf moeten recht getrokken zijn (niet willekeurig boogvormig) zowel op de tegel als op de dekvloer en parallel aangebracht worden op de ondergrond. Daarom mag de tegel nooit geplaatst worden met gekruiste lijmrillen om luchtinsluitingen te voorkomen.”

De juiste verlijmingsmethode werd dus in dit geval niet toegepast. Vandaar dat bij dergelijke dunne tegels (100 cm x 100 cm x 3,5 mm) het steeds noodzakelijk is om de dubbele verlijmingstechniek toe te passen met parallelle lijmrillen op elkaar, zodat bij een haakse inschuifbeweging tijdens het aandrukken de lijmkanalen helemaal gevuld worden met tegellijm. Op die manier worden luchtkamertjes en dus zwakke plaatsen onder de tegels zo goed als uitgesloten. De tegelzetter van dienst zat dus met een wezenlijk probleem dat niet zomaar met enkele herstellingen opgelost kon worden. Bovendien was in een dossier van het WTCB (Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf) een opmerking verschenen waarbij men tegels tot 5 mm dikte eerder op de wand dan op de vloer aanbeveelt. Dit vloertegelwerk kreeg alvast een juridisch staartje, waarbij niet alleen de tegelzetter, maar ook de architect en tegelleverancier in dit conflict werden meegesleurd.

Moraal van dit verhaal?

Blijf op de hoogte van de vakliteratuur, richtlijnen en workshops die door het WTCB, BITA (Belgian Innovative Tile Academy), en TECNO BOUW Confederatie Bouw omtrent actuele onderwerpen georganiseerd en verzorgd worden. Na een zware dagtaak kan het wel eens lastig zijn om zich ’s avonds of op een zaterdag vrij te maken om de evolutie van materialen en technieken bij te benen, maar het loont heus wel de moeite om de tips & tricks van adviserende docenten met continue praktijkervaring eens van dichtbij te bekijken en mee te zijn met de snel draaiende innovatiecaroussel!


Opmerking WTCB-Dossier 2015/2.11

Aangezien het niet eenvoudig is om een contactoppervlak van 100 % te realiseren en keramische XL- en XXL-tegels met een dikte van minder dan 5 mm zeer gevoelig zijn voor schade door pons, worden deze bij voorkeur voorbehouden voor wandtoepassingen.

XL- en XXL-tegels waarvan het legvlak voorzien is van een kunststofvezelversterking zouden bij voorkeur verlijmd moeten worden met een tegellijm van het type C2 S2


Tekst + foto’s: tileXpert

Dat het laatste jaar voor velen onder ons getekend werd door afgeremde en afgelaste activiteiten kan ook door de Belgische Innovatieve Tegelacademie al evenzeer beaamd worden. Een regen van verdaagde opleidingen en geannuleerde workshops viel over deze ondertussen welgekende tegelzettersschool heen. Maar het kernteam van BITA bleef en blijft niet bij de pakken zitten!

Partner TECNO BOUW

Veel gespecialiseerde opleidingscentra voor tegelzetters zijn er in de Benelux niet te vinden. Vooral in België blijkt er een beduidend tekort aan specifieke opleidingen voor de tegelzetter (in spe), niettegenstaande het nog steeds een knelpuntberoep is. Gevestigde bouwvakkers geven maar al te graag de indruk volleerd te zijn, maar men mag niet uit het oog verliezen dat de carrousel van vernieuwing steeds maar sneller en sneller begint te draaien!

Kijk maar eens naar de gigantische groei van nieuwe producten en gereedschappen die zich vandaag op de beroepsmarkt aanbiedt. Voor de stielman-tegelzetter is het aanbod van diversiteit in systemen nog nauwelijks bij te houden is. Om het bos opnieuw door de bomen te kunnen zien, sloot BITA een deal met TECNO BOUW (Confederatie Bouw) met het oog op sterke verruiming en betere verspreiding van minder bekende tips & trics die op de werkvloer zeer nuttig kunnen zijn. Alle tegelzetterscursussen en praktische workshops hieromtrent kan men terugvinden via de websites van BITA en Tecno Bouw.

Speciale Nieuwjaarsbrief

Om de partners, sympathisanten en professionelen op de hoogte te houden van het reilen en zeilen van BITA, schreef voorzitter Bert Uittenhove een persoonlijk e-mailbericht:

“Beste tegelzetters, Beste partners,

Nu het einde van het jaar nadert, is het tijd om u wat meer nieuws over BITA te geven.

Ondanks de langdurende Coronaperikelen blijven we achter de schermen actief en hopen we u in 2021 weer fysiek te kunnen ontmoeten.

Op 31 oktober hebben we helaas de “XXL Special” training moeten annuleren vanwege de piek van de tweede golf “COVID 19”. Zodra de gezondheidssituatie ons daartoe in staat stelt, plannen we een nieuwe training in (lesplaats BITAtelier Zedelgem).

Voor 2021 plannen we een zeer aantrekkelijk programma voor toonzaalmedewerkers. Neem contact op met Tecno Bouw voor meer info: Dirk.bulens@tecnobouw.be.

Volgens de laatste berichten gaat Stone & Tile 2021 niet door. De beurs was op 18 en 19 maart 2021 gepland en zal normaliter verplaatst worden naar een later tijdstip.

Het tegelfabrieksbezoek MEG is voorlopig voorzien op 7 mei 2021 (10:00h). Let op, het aantal deelnemers is beperkt, dus aarzel niet om u tijdig te registreren!

Noteer alvast in uw agenda, de volgende BITA Day vindt plaats op 25 juni 2021!

Andere projecten staan op de agenda van BITA voor 2021:

  • Een nieuwe website
  • De nieuwsbrief die u om de 3 maanden ontvangt.
  • Een nieuw handboek ‘Modern Tegelzetten’
  • Een volledige upgrade van de richtlijnen voor keramische XXL-plaatsingsmethoden

Als er vragen zijn horen we deze graag.”

Innovatieve productielijn

Om specifieke kennis, ervaring en innovatie gestaag te kunnen opvolgen, moet een tegelzetter soms ook wel eens buiten de landsgrenzen durven te kijken. Dus zullen er in het najaar opnieuw zeer gespecialiseerde en praktische workshops via EITA (European Innovative Tile Academy) georganiseerd worden in de omgeving van de keramiekstad Modena (Sassuolo) in samenwerking met ASSOPOSA (de Italiaanse federatie van tegelzetterbedrijven). Maar het eerstvolgende buitenlandse project dat bovenaan de actie-lijst van BITA staat, is ‘MEG’ in Frankrijk. Het allernieuwste proces voor de productie van innovatieve keramische XL-tegels (tot maximum 100 cm x 100 cm) zal er tot in de kleinste details te zien zijn en door een gespecialiseerd ingenieur begeleid en uitgelegd worden. Een gloednieuwe geïnstalleerde productielijn zorgt er voor om zo goed als tolerantievrije formaten te produceren (zowel de nominale afmetingen als de tegeldiktes). Een nog nooit gezien unicum dus!

En als u het antwoord wenst te weten op de vraag van wat het ingebakken pijltje aan de legzijde van een keramische tegel precies betekent, dan kan nog snel inschrijven de boodschap zijn via https://eita.eu/index.php/workshop om ook dit mysterie meteen daar ook opgelost te zien.

De plaatsen zijn wel beperkt maar er kunnen altijd 2 groepen gemaakt worden indien het maximum deelnemers overschreden wordt. Don’t worry, be BITA!

Federatie ‘Flash News’

De voorzitter van Fecamo Nationaal, Gerard Mahaux, stelde een einde aan zijn taak en gaf begin dit jaar de fakkel door aan James De Smet. Deze Oost-Vlaamse tegelzetter is een oud-leerling van Fecamo-past-voorzitter Peter Goegebeur en maakt deel uit van het onlangs opgerichte keramische XXL-plaatsingsteam. Zijn opgedane ervaring als voorzitter van ‘Fecamo Oost-Vlaanderen’ zal wellicht bijdragen tot innovatieve ideeën binnen deze federatie van en voor de Belgische tegelzetter. FeCaMo vzw staat immers voor “Fédération des Carreleurs et Mosaïstes” en werd destijds opgericht in het jaar 1964 door een Franstalige tegelzetter. Ondertussen is deze organisatie uitgegroeid tot de grootste Belgische tegelzettersfederatie.

In de wandelgangen vernamen wij dat er ambitieuze plannen zijn voor de toekomst van Fecamo dat de laatste jaren toch een ietwat was stilgevallen, onder meer te wijten aan de coronaperikelen. Er zou een samenwerking met de nationale cluster ‘Afwerking’ of de cluster van de complementaire bedrijven FEDECOM (waar ook de natuursteen is ondergebracht) en een opleidingsakkoord met BITA (Belgian Innovative Tile Academy) op de tafel liggen.

Wij kijken alvast reikhalzend uit naar de nieuwe wind dat deze kersverse voorzitter door Fecamo zal blazen en wat hij voor onze tegelzetters kan betekenen. We wensen hem alvast een geslaagd mandaat toe, een termijn van 3 jaar met veel uitdagingen!


Tekst + foto’s: Tecno Tile News

Natuursteen is een warm en duurzaam bouwmateriaal, daar bestaat geen enkele twijfel over. In de bouwkunde en civiele techniek is natuursteen een gesteente dat men aantreft in vele variëteiten. Ook tegelzetters worden regelmatig geconfronteerd met deze prachtige bouwsteen die moeder natuur ons heeft geschonken en die zowel binnen al buiten zijn gading kan vinden. Doch wordt soms in de voorbereidingsfase van een natuursteentegelwerk geen of te weinig aandacht geschonken aan haar specifieke eigenschappen.

Geologische indeling

Een materiaal wordt meestal gekozen in functie van z’n bestemming of toepassingsdomein. Ook voor natuursteen is dit het geval. Naast het esthetische aspect is het ‘paspoort’ van een natuursteentegel een handig document om de nodige karakteristieken op te zoeken. Verwijzend naar desbetreffende testnormen is een technische fiche een handig hulpmiddel om producten te classificeren. Ze stellen de nodige eisen waaraan de tegels moeten voldoen in functie van hun toepassingsgebied, definiëren de testmethodes en bepalen de toleranties. Om vergissingen tegen te gaan en een duidelijk onderscheid te maken tussen de verschillende soorten natuursteentegels wordt de geschiktheid bepaald aan de hand van de technische eigenschappen die ze bezitten, die op hun beurt met genormaliseerde proefmethodes worden aangetoond.

Geologisch gezien, kunnen we drie categorieën onderscheiden naargelang:

  • de identificatie: belangrijk om het karakter van het ruwe materiaal te identificeren.
  • de prestatie bij gebruik: evalueren hoe het materiaal presteert eens het een eindproduct is en men het geplaatst heeft.
  • de duurzaamheid: de voorspelling hoe het steenelement zich gedraagt in de tijd en hoe stabiel het is ten opzichte van zijn initiële eigenschappen.

I) MAGMATISCHE of STOLLINGSGESTEENTEN

Zijn ontstaan door uitharding van vloeibare gesteenten (lava) en worden op hun beurt nog eens onderverdeeld in 3 luiken:

  1. Uitvloeiingsgesteenten: zijn uitgehard (afkoeling en stolling) aan het aardoppervlak (magma komt vanuit het binnenste van de aardkorst naar boven). Vb. basalt, pufsteen, puimsteen, …
  2. Halfdiep ganggesteenten: zijn verhard in breuken of spleten. Vb. porfier, dioriet, …
  3. Dieptegesteenten: zijn geleidelijk afgekoeld onder grote constante druk diep in de aarde. Graniet bijvoorbeeld…

II) SEDIMENTAIRE ofte AFZETTINGSGESTEENTEN

Worden gevormd door afzetting of bezinking van afbraakmaterialen afkomstig van de magmatische gesteenten, die door water werden meegevoerd aan het aardoppervlak. Bijvoorbeeld onze eigene ‘Petit Granit’ (Belgische blauwe hardsteen), Franse Witsteen, zandsteen, travertijn, enzovoorts.

III) METAMORFE GESTEENTEN

Ontstaan uit een ander gesteente, gevormd door omzetting van afzettingsgesteenten, magmatische en andere metamorfe gesteenten bij hoge temperatuur en/of druk, zoals bij gebergtevorming. Marmer, kwartsiet, schist, gneiss, enzovoort zijn hier enkele voorbeelden van.

Steenafwerking

Natuursteen kan verschillende oppervlaktebewerkingen ondergaan, maar dit kan in grote mate het einduitzicht beïnvloeden. Polijsten bijvoorbeeld zal over het algemeen de kleuren donkerder en intenser doen uitkomen, terwijl vlamstralen een verzachtende kleurenschakering met zich zal meebrengen.

De keuze van de oppervlaktebewerking zal sterk afhangen van de aard en de gebruiksbelasting van het materiaal zelf.

Natuursteen is sowieso uniek! Zelfs al is de blok uit dezelfde groeve ontgonnen, nooit zullen platen of tegels identiek zijn. Natuursteentegels hebben zowel een functionele als decoratieve functie. De toepassingsdomeinen zijn heel ruim dank zij hun mechanische, mineralogische microstructurele eigenschappen. Het karakter van de steen moet steeds gelinkt worden aan de ruimte en omgeving waarin ze zal moeten worden geplaatst.

Sommige afwerkingen kunnen niet worden toegepast op bepaalde natuursteensoorten. Fijn gefrijnde bewerkingen lukken moeilijk of niet op sommige types graniet bijvoorbeeld, terwijl polijsten quasi niet kan voor bepaalde kalkstenen.

De belastingen die schade kunnen veroorzaken aan een vloer die hoofdzakelijk is bestemd voor het verblijf en circulatie van personen, kunnen onderverdeeld worden in drie categorieën: mechanische belastingen, de thermische belasting en de fysiekchemische aantasting afkomstig van eventueel contact met verschillende agressieve stoffen.


Korte samenvatting van klassieke afwerkingsvormen:

  • GLAD:  gepolijst – verzoet – geschuurd
  • RUW:  gezaagd – gezandstraald – gevlamd
  • SPECIAAL:  gebouchardeerd of puntgehamerd – edelstaal –  frijnslag – oude ijsbloem

Recent schadegeval met terrastegels in natuursteen

Een particulier tuinterras werd betegeld met een kleine 100 m² Chinese graniet van het formaat 60/60/3. Nog geen jaar na de plaatsing werden twee soorten vlekken op de vloer vastgesteld die blijkbaar geleidelijk aan vanzelf tevoorschijn kwamen. Na wat heen en weer gemail van de klant naar de leverancier en uitvoerder van de tegelwerken toe, kon de oorzaak van dit fenomeen maar niet achterhaald worden. En daar een consensus van partijen uitbleef, kwam het tot een vrijwillig onderzoek, ook ‘minnelijke expertise’ genoemd.

Afleidend uit precedente informatie van de eigenaars en antwoorden van de tegelzetter van dienst zou de ondergrond bestaan uit een voldoende dikke en drainerende ondergrond, doch hier kon verder geen gedetailleerde opbouw gespecifieerd worden. De vloerlegger bevestigde dat voor wat betreft het afschot van het terras een gemiddelde helling werd genomen van ± 1% (1cm/lm). De oppervlaktebewerking van desbetreffende natuursteentegels, met name gevlamd en geborsteld, vraagt eerder een afschot van 1,5% tot 2%. Het WTCB Dossier 23-3/2009 ‘Randafwerking van betegelde buitenterrassen op de volle grond 2009/03.11’ bevestigt al evenzeer deze noodzaak. Daarin staat: “De tegels worden bij voorkeur uitgevoerd met een helling van 1,5%. De betonplaat die dienst doet als ondergrond, zou op haar beurt een helling van om en bij de 2% moeten vertonen, tenzij deze opgebouwd is uit drainerend korrelbeton (wat overigens steeds aanbevolen is).”

Op basis van verdere mondeling verstrekte informatie, waaronder ook uitgesproken uitbloeiingen in en rond de voegen, kon de aangestelde expert reeds afleiden dat wellicht enkele belangrijke aandachtpunten aan de tegelzetter zou zijn ontgaan. Doch voor de mysterieuze groenachtige spotvorming in de tegels zelf kon geen verklaring gevonden worden.

Het moment dus om enkele deskundigen daadwerkelijk aan het werk te zetten om de oorzakelijke verbanden te bepalen, uit te vissen uit welke opbouwlagen de buitenvloer effectief bestaat, en indien het evenwel nog toepasselijk zou zijn, de herstelmogelijkheden te bepalen.

Werfbezoek met partijen

Het nemen van stalen (boringen) werd op het ogenblik van het onderzoek door de eigenaar niet toegestaan, wat het werk van de expert niet vergemakkelijkte. Desalniettemin werd het terras onderzocht en gezocht naar de oorzaak van de vlekken. Er werd op een hoek een tegel weggehaald, weliswaar met uitdrukkelijke toelating van de bouwheer, om toch enig idee te kunnen vormen van de plaatsingsmanier en contactoppervlak legzijde tegel/ondergrond.

Aan de vaste muurdelen waren de voegen elastisch opgekit doch onder de silicone zaten de tegels tegen de muren vast met mortelresten. Noodzakelijke uitzettingsvoegen, met name ten minste om de 16 m², maximaal 4 lm en op de hoeken van het gebouw ontbraken! In principe diende men ook rekening te houden met de lengte/breedte-verhouding, wat al evenmin het geval was.

In het WTCB-Contact 2013/2 stelt men duidelijk in hoofdstuk ‘Scheurvorming in keramische of natuurstenen buitenbetegelingen’: “De voornoemde spanningen zullen bij deze plaatsingsmethode niet groot genoeg zijn om meldenswaardige scheuren te veroorzaken in de betegeling op voorwaarde dat de vloerbedekking en de dekvloer voorzien zijn van uitzettingsvoegen die de terrasvloer in kleine vloervelden opdelen (doorgaans 15 tot 16 m²), de dekvloer voldoende gewapend is en zonder al te veel wrijving kan bewegen over de ondergrond.”

Het holklinken van een groot deel van de tegels, (vooral aan de buitenranden en aansluitend tegen een graspartij), gepaard gaande met degradatie van tegelvoegen wees reeds op het loskomen van de randzones.

Verder werd er niettegenstaande de terrastegels nog nat waren door lichte regenval zowel in de tegels zelf als aan de voegranden van vooral de vijverboordstenen witte zoutachtige uitbloeiing te zien.

Destructief onderzoek

Het bizarre groenachtige verschijnsel aan het oppervlak van enkele tegels deed in eerste instantie denken aan volgende fenomenen:

  • Een malachietachtige vlek. Normaal is dit een natuurlijk verschijnsel (kopercarbonaat) eigen aan de steen die uitgesprokener wordt door oxidatie.
  • Het zou ook een reactie kunnen geweest zijn door onzuiverheden direct onder de tegellegzijde door gebruik van ongewassen vervuild zand, of cementreactie.

Verder wilde de expert onderzoeken wat er onder de tegels aan de hand zou kunnen zijn. Een zwaar holklinkende tegel op de hoek van het terras kon bijna met de hand opgetild worden. Logischer wijze ligt deze zwakke cohesie aan de basis van schuifspanningen tussen tegel en hechtmiddel. Donkere tegels nemen immers veel meer warmte op bij bezonning dan lichtgekleurde natuursteen, wat de uitzettingscapaciteit van dit type natuursteen sterk zal beïnvloeden. De expert stelde dat verschillende uitzettingscoëfficiënten van niet-gedilateerde opbouwlagen onderling zorgen voor ongelijke schuifkrachten met dergelijk onthechtingsfenomeen tot gevolg.

Bij nadere controle van de verwijderde graniettegel werden volgende anomalieën vastgesteld:

  • Er bevond zich zowel in het midden van de willekeurige mortelmassa als vooral ter hoogte van de randen heel wat restvocht.
  • Er werd met 100% zekerheid geen witte cement gebruikt, noch in de dekvloer, noch in het mortelbed, wat niettegenstaande de betrekkelijke compactheid van de steen een eerste oorzakelijk verband met de vlekken kon leggen.
  • Er waren behoorlijke holtes aanwezig in het legbed, wat wees op een zwakke volplaatsing met mogelijke condensvorming in de kraters bij temperatuurverschillen tot gevolg. Dit kon mogelijks de langwerpige uitbloeiing verklaren.
  • De uiteinden/boorden van het terras waren dichtgepleisterd met grijze mortel, rechtstreeks aansluitend met het grasveld, zonder vorstboord of gelijkaardige randafsluiting!
  • Verder werden er geen afwateringssystemen noch vorstboord(en) rond het terras voorzien, zodat het hemelwater enkel in het gras zijn weg kon vinden.

Conclusie van de expert

Niettegenstaande men er had kunnen vanuit gaan dat de onderliggende opbouwlagen van de tegelvloer uitgevoerd werden conform de voorschriften te lezen in de desbetreffende TV’s (Technische Voorlichtingen) en Dossiers van het WTCB (Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf), met name gerespecteerde laagdiktes, zandtype, korrelgroottes van de granulaten, cementsoort, wapening en wapeningtype, druksterkte (cfr. dichtheid), werd de uitgevoerde plaatsingstechniek, onder voorbehoud van verder destructief onderzoek, toch enigszins in vraag gesteld.

Het feit dat geen enkele dilatatievoeg aanwezig was (ook de randisolatie ontbrak!), geen witte cement werd gebruikt, noch in de dekvloer, noch in de legmortel, en de natuursteentegels bovendien onvoldoende vol en zat geplaatst werden, mede gelet op het zeer gemakkelijk verwijderen van een door de tegelzetter zelf uitgekozen tegel, kon de plaatsing als zijnde niet volgens de regels van de kunst en het goede vakmanschap beschouwd worden. Bovendien was het signaal van onthechting zeer duidelijk vanwege de reeds degraderende en kalk-afzettende voegen, en duidelijk hoorbare holle klanken onder de tegels. Deze stelling werd tevens gestaafd door het feit dat het terras een te weinig afschot had, waardoor insijpeling van water langsheen de voegen en tegelranden gestimuleerd werd en er geen enkele maatregel voor het verzekeren van een continue hemelwaterevacuatie was getroffen.

De willekeurige vlekvorming in de natuursteentegels zelf was volgens de expert enerzijds eigen aan dit type graniet, maar anderzijds mogelijks een louter gevolg van de in voorkomend geval vervuilde onderliggende lagen.

De holtes in de uitgeharde mortelspecie kunnen condens onder de tegels insluiten dat in de winter kan bevriezen (uitzetting) en in de zomer voor dampdruk kunnen zorgen, met alle gevolgen vandien: degradatie van de volledige terrasvloer op zelfs korte termijn!

Een bijkomende zorg van de expert was, dat naast de CE-markering, er een DoP-attest (Declaration of Performance) diende voorgelegd te worden. Als gevolg van de Europese Verordening Bouwproducten is de toeleverende industrie (fabrikanten, importeurs en distributeurs) vanaf 1 juli 2013 verplicht een prestatieverklaring mee te leveren. Dergelijk attest geeft informatie over de belangrijkste prestaties van het product en het beoogde gebruik ervan. Deze prestatieverklaring vormt een bewijs dat het product bij introductie op de markt en bij verdere distributie voldoet aan de prestaties die voor specifieke toepassingen ervan worden verlangd. Dit is al evenzeer van even groot belang bij de producentaansprakelijkheid.

Moraal van het verhaal: “Bezint eer ge begint!”

Vrij vertaald: “Informeer u bij elke kleine twijfel, raadpleeg de beschikbare richtlijnen van het WTCB, school u regelmatig bij (FECAMO, TECNO BOUW, BITA), maak gebruik van gratis technische hulplijnen voor de tegelzetter zoals de BITAfoon (0472-19 39 59) of het WTCB ATA (dienst Technisch Advies – 02-655 77 11).


Tekst + foto’s: tileXpert

Dat het dreigende coronavirus al veel roet in het eten heeft gestrooid hoeft geen verdere uitleg. Veranderlijke omstandigheden verplichten onze gewoontes en fysiek gedrag gevoelig aan te passen. Het Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf (WTCB) zocht naar oplossingen om tijdens deze woelige periode ook onze tegelzetters alternatieven aan te bieden.

Technisch Comité

De eerste vergadering dit jaar van het WTCB TC ‘Harde Muur- en Vloerbekleding’ verliep spijts het COVID-19 toch enigszins vlotjes via het web. Animator Ir. Tinne Vangheel trommelde op 11 juni 2020 haar leden bijeen via een virtuele meeting zodat iedereen op de computer van thuis uit de vergadering actief kon meevolgen. Ook voor voorzitter Peter Goegebeur van het Technisch Comité was het even wennen, maar die had al wat ervaring kunnen opdoen tijdens de voorbereidingsfase van het werkprogramma 2020-2021. Het WTCB gebruikte hiervoor de ‘Microsoft Teams’-tool, waar online vergaderen mogelijk is met beeld en geluid en waar vanop afstand documenten kunnen gedeeld worden.

12-WTCB-foto 1

In bijlage van de uitnodigingsmail werd een document toegevoegd waarin stap voor stap werd uitgelegd hoe je kan inloggen en deelnemen. Men hoefde niets te installeren, deelnemen kon eenvoudig met één muisklik via de internetbrowser. Technisch was het echter nog niet mogelijk om in deze ‘Teams-vergadering’ met simultaanvertaling te werken. De animatoren kwamen hier tijdig in tussen voor een goed begrip van de discussies tijdens de bijeenkomst. “We zetten alles in het werk om zo snel mogelijk te kunnen evolueren naar vergaderingen met simultaanvertaling”, weerklonk het over het internet.

De vergadering werd geopend door de voorzitter met de klassieke verwelkoming doch dit keer met zorg voor de gezondheid van de deelnemers en hun naasten, waarna de goedgevulde dagorde van start kon gaan beginnend bij de goedkeuring van het verslag van de vorige meeting.

Naast een positieve evaluatie van de brainstormsessie ‘Give me Five’ kwam een heel belangrijk agendapunt aan bod: de voltooiing van de vertaling van de nieuwe TV (Technische Voorlichting) ‘Buitenvloeren’ dat normaliter eind dit jaar aan de branche zal kunnen voorgesteld worden. Daarnaast wordt de TV ‘Plaatsingstechniek van mozaïek’ omgezet naar een ‘Gids voor de goede uitvoering van mozaïekwerken’ en worden de Technische Voorlichtingen ‘Dekvloeren’ herzien.

Technisch-wetenschappelijke informatiebron

Het WTCB biedt de zelfstandige aannemer verschillende diensten aan, waaronder:

  • Het leveren van technische bijstand (telefonisch of op de werf na aanvraag)
  • Het brengen van klaarheid bij vragen over bouwnormen
  • Het geven van ondersteuning in verband met bedrijfsbeheer en digitalisatie
  • Het verlenen van advies bij innovatieve ideeën of octrooiaanvragen
  • Het uitvoeren van proeven voor de bouwsector
  • Het bieden van hulp bij BENOR (www.benor.be), technische goedkeuringen (www.butgb.be) en CE-markering (www.belgium.be).

De website van het WTCB maakt het de tegelzetter heel gemakkelijk om de WTCB TV’s (Technische Voorlichtingen), WTCB dossiers en infofiches te kunnen raadplegen. Er wordt momenteel gewerkt aan een gebruiksvriendelijkere versie om het de gebruiker nog meer te vergemakkelijken. Ook telefonisch kan men (gratis) om technische hulp vragen bij de dienst ‘Technisch Advies’.

Onlangs lanceerde men er ook de Webinar-cursussen, die via een powerpointpresentatie bepaalde onderwerpen gedurende een klein kwartiertje aansnijden. “Een zeer goed initiatief”, vinden alle leden van het Technisch Comité.

Voor onze tegelzetters werden onder meer reeds volgende interessante onderwerpen behandeld:

  • N°4 Verlijmen van keramische tegels op dekvloeren
  • N°10 Uitvoering van ETICS met harde bekledingen
  • N°11 Zwembaden: compatibiliteit van het afwerkingsmateriaal met het zwembadwater
  • N°17 ETICS met harde bekledingen -Aansluiting op het schrijnwerk
  • N°31 Berekening van de dikte van keramische vloertegels en vloertegels uit natuursteen
  • N°57 ETICS met harde bekledingen: gebruiksgrenzen

Al deze technisch-wetenschappelijk onderbouwde web-seminaries kunnen teruggevonden worden op de WTCB-site: www.wtcb.be

Informeren en opleiden staan dus meer dan ooit tevoren bovenaan het WTCB-lijstje, waar prioritaire en actuele onderwerpen zullen behandeld worden in samenwerking met andere beroepsfederaties zoals FEMO, FEBENAT en FECAMO CONFEDERATIE BOUW, en opleidingscentra zoals TECNO BOUW en BITA. Interessante onderwerpen die u behandeld wenst te zien in artikels of onderzoeksprojecten kunnen altijd aan het werkprogramma van het WTCB toegevoegd worden. Ook actuele foto’s van uw afgewerkte projecten met betrekking tot terrasbouw of mozaïekrealisaties zijn altijd welkom om opgenomen te worden in speciale uitgaven.

Aarzel niet om rechtstreeks een seintje te geven aan Ir. Tinne Vangheel: tinne.vangheel@bbri.be of peter@tileXpert.be voor een preselectie. Uiteraard wordt de bron (lees: uw bedrijf) steeds vermeld.

En onder de rubriek ‘Technology Wath’ vonden we nog een merkwaardige eyecatcher: “De houtsector komt uit met een imitatie keramisch parket”! Jawel, u leest het goed, de structuur en legpatroon van keramische parkettegels worden binnenkort op houten planken nagebootst…


Tekst + foto’s: tileXpert

Videovergaderingen en telemeetings zijn in opmars. Niet verwonderlijk natuurlijk, daar door de opgelegde maatregelen van de nationale veiligheidsraad oplossingen zich dienden op te dringen om de economie toch nog wat draaiende te houden. Dat het COVID-19-virus een gevreesde vijand is, hoeft geen verder betoog. Ook de Belgian Innovative Tile Academy BITA diende gedwongen belangrijke fysieke cursussen en fabrieksbezoeken te annuleren of uit te stellen.

Compensatiepremie

Daar de tegelacademie geen lessen meer kon geven, noch in hun lokaal te Zedelgem, noch op verplaatsing, kon men zich in principe aansluiten bij de verplicht te sluiten bedrijven, … dacht men. In de daarop logisch volgende veronderstelling dat de vzw BITA in aanmerking kon komen om een hinderpremie aan te vragen, ontving het bestuur volgend antwoord: “De corona hinderpremie is ook op vzw’s en verenigingen in Vlaanderen van toepassing maar enkel indien er een economische activiteit is en met minstens 1 voltijdsequivalente RSZ-ingeschreven tewerkstelling. Bijkomende voorwaarde is dat je een  fysieke locatie hebt die je verplicht moet sluiten – geheel of gedeeltelijk – door de federale maatregelen”.

Niet dus, daar de vzw geen voltijdse medewerkers in dienst heeft en enkel werkt met onderaannemers of vrijwilligers! Gelukkig had BITA dank zij de vele partners en sponsors een reserve opgebouwd zodat de financiën niet in gevaar werden gebracht en alle vaste kosten probleemloos betaald kunnen worden.

Tecno Bouw

Achter de schermen werd er ondertussen duchtig gewerkt aan het ineen knutselen van specifieke workshops en vakopleidingen, zowel voor de tegelzetter in spe als voor het reeds gevestigde tegelzettersbedrijf. De versterkte band en samenwerking met TECNO BOUW (Confederatie Bouw) geeft BITA zuurstof om reeds voor het najaar verschillende cursussen aan te kunnen kondigen via www.tecnobouw.be (het sleutelwoord “tegel” ingeven is voldoende om het volledige kalender te kunnen raadplegen). Er werden twee vaste locaties uitgekozen, met name Zedelgem (bij Brugge) en Geel (provincie Antwerpen).

Dankzij de recente groei van het gespecialiseerde BITA-docententeam worden de workshops verzorgd door instructeurs die nog dagdagelijks op de werkvloer staan. Ook twee nieuwe Franstalige specialist-docenten zullen binnenkort dezelfde cursussen kunnen verzorgen in het Franstalige landsgedeelte. De leslocaties hiervoor zullen in samenspraak met de lokale federaties en scholen vastgelegd worden. Alles vraagt wat tijd en geduld, wat enigszins begrijpelijk is in tijden waar fysieke ontmoetingen beperkt of zelfs voor onbepaalde tijd niet meer mogelijk zijn.

TegelzettersAtelier

Luisteren naar de verzuchtingen van de branche is niet altijd zo vanzelfsprekend. Vragen worden gesteld, maar concrete en gestaafde technisch-wetenschappelijke antwoorden blijven helaas meestal uit. Doch is het belangrijk om te weten wat er zich in werkelijkheid op de werkvloer kan afspelen bij de tegelzetter. De facebookgroep ‘TegelzettersAtelier’, die nu al meer dan 1000 (!) leden telt, laat niet alleen regelmatig mooi afgewerkte projecten zien, maar geeft al evenzeer een beeld van bepaalde problemen die de vloerlegger opgelost wil zien en vooral in de toekomst wil vermijden. BITA volgt deze bewegingen met arendsogen op en probeert in het kader van de vragen die zich stellen doelgerichte workshops te organiseren. In overleg en samenspraak met vooraanstaande federaties en het WTCB (Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf) is het doel van BITA een erkend kwaliteitsstempel te kunnen zetten op alle cursussen die in de praktijk een meerwaarde kunnen bieden voor tegelzetters en vloerdersbedrijven. Het gaat hem niet alleen om de promotie van technische PowerPointvoorstellingen of webinars, maar daadwerkelijke praktische oefeningen die kwaliteit en duurzaamheid hoog in het vaandel dragen.

Eind 2020 / begin 2021 zullen, naast de verschillende websites, onder de rubriek ‘Evenementen’ van de populaire facebookgroep ‘TegelzettersAtelier’ alle “ster-opleidingen” aangekondigd worden. Aanmelden zal via een simpele klik mogelijk zijn, waarbij verdere instructies klaar en duidelijk vermeld zullen worden. Detectie, informatie en educatie staan dus helemaal bovenaan het tegelzetterslijstje!


Tekst + foto’s: BITA

Naast problemen met wrikkelende douchebakken, kunnen moderne inloopdouches al evenzeer vervelende anomalieën vertonen. Het schoentje wringt meestal waar aansluitingen van het waterdichtingssysteem falen. Schade ontstaat vooral op termijn in functie van de douchebeurtfrequentie. Wij waren getuige van een gerechtelijke expertise hieromtrent.

Douches, definities

Als men spreekt over een douche, kunnen dit verschillende types zijn. Van vaste bakken en geprefabriceerde tubes tot eigen realisaties. Douches kunnen ingedeeld worden volgens hun opbouw en design. Hierin onderscheiden we 5 verschillende types:

  • 1. Instapdouches

Dit zijn lagergelegen douches (toegankelijk via een traptrede beneden het vloerniveau).

  • 2. Overstapdouches

Een muurtje of profiel zorgen voor het tegenhouden van mogelijks overlopend water. Een goed voorbeeld hiervan zijn gemeenschappelijke sportdouches die rechtstreeks in verbinding staan met de kleedkamer.

  • 3. Opstapdouches

Deze douchebak is hoger gelegen dan het vloerniveau.

  • 4. Doorloopdouches

Douches waarbij twee tegenover elkaar liggende ingangen het toelaten om in de douche te stappen. Meestal zijn dit douchecellen die twee slaapkamers met elkaar verbinden. Dit type kan ook in één en dezelfde badkamerruimte langs twee zijden toegankelijk zijn.

  • 5. Inloopdouches

Deze douches zijn zeer populair geworden de laatste jaren door het feit dat er geen hinderlijke niveauverschillen bij het inlopen aanwezig zijn. Ze worden ook wel ‘Italiaanse douches’ genoemd. Dit soort douche kan zich willekeurig in de badkamer bevinden met of zonder niet doorzichtige afbakenende wanden. Voor rolstoelpatiënten is dit ook de ideale uitvoering.

Indien de muurbetegeling aan water blootgesteld wordt, moet men de nodige maatregelen treffen om (water)schade te voorkomen, rekening houdend met de frequentie van de bevochtiging en met de waterdruk van de eventuele tegenwoordig krachtige sproei-installaties. Ook het degraderen van de voegen door hoge druksproeiers dient vermeden te worden. Een tabel van het WTCB (Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf) geeft een onderscheid weer van gebruiksbelastingen bij blootstelling aan waterdruk. Deze indeling kan geraadpleegd worden in de TV (Technische Voorlichting) N° 227. Het is dan ook heel belangrijk om in alle gevallen de waterdichting direct achter de tegels te voorzien en de aansluitingen tot in de kleinste details te sealen.

Opdracht gerechtsdeskundige

In dit geval ging het over een moderne douchecel waarbij vocht werd vastgesteld in een aanliggende ruimte. Bij het beschrijven van de mogelijke opbouw meldde de bouwheer dat er zich onder de douchevloer een vloerverwarmingssysteem bevindt. Ook knuffelmuren winnen meer en meer aan populariteit, maar knuffelvloeren komen minder voor. De gerechtsdeskundige ter zake organiseerde een meeting met verschillende betrokken partijen: de bouwheer, zijn advocaat en zijn technisch expert, de tegelzetter met zijn raadsman en technisch afgevaardigde, en de verzekeringsmakelaar van de eigenaar.

De opdracht van een deskundige die door de Ondernemingsrechtbank werd aangesteld, bestond er op de eerste plaats in om kennis te nemen van de dossiers en bundels (informatie en briefwisselingen van partijen), en alle betrokkenen op te roepen om zich ter plaatse op de desbetreffende werf te begeven op een welbepaald tijdstip. Hij of zij heeft de missie om na alle partijen gehoord te hebben ze te proberen verzoenen, een onderzoek uitvoeren, de gebreken aan te duiden, de anomalieën te beschrijven en het oorzakelijk verband te bepalen. Een mogelijke oplossing moet steeds aangereikt worden en de werkwijze daartoe aanbevolen. Al evenzeer kan hij of zij een begroting opstellen van de algemene kosten en een raming maken voor de eventuele herstellingswerken indien deze mogelijkheid bestaat.

In het slechtste geval kan de deskundige het bevel geven tot volledige uitbraak en hernieuwing van het tegelwerk.

Tegensprekelijke rondgang

Het verloop van een deskundig onderzoek dient klaar en duidelijk in een verslag beschreven te worden. Een rondgang met alle partijen (in de rechtspraak ook wel “afstapping” genoemd) is dan ook noodzakelijk zodat ter plaatse gediscussieerd en overleg gepleegd kan worden met betrekking tot de ondervonden en effectief visueel vastgestelde anomalieën. Maar vooraleer men aan de praktische fase begint, wordt meestal eerst een rondvraag georganiseerd waarbij de aanwezigen zich in de eerste plaats bekend dienen te maken en mondelinge informatie geven omtrent hun standpunt met betrekking tot de omstandigheden.

Een douche die lekt doet meestal veel vragen oprijzen, waarbij verschillende aannemers verantwoordelijk kunnen zijn. In deze case zou dit naast de tegelzetter ook de uitvoerder van de vloerverwarming, de dekvloerplaatser of de loodgieter kunnen zijn.

Naar informatie van de tegelzetter zou de uitvoering van desbetreffende douchecel bestaan uit een zand/cementdekvloer die hij zelf had uitgevoerd op traditionele vloerverwarmingselementen. De aansluitende wanden bestaan uit cementgebonden bepleistering. Een installatieplan van de onderliggende vloeropbouw werd aan de deskundige overhandigd, zodat het verwarmingscircuit gelokaliseerd kon worden.

Voor het afdichten van de douchecel werd een waterdicht polyethyleen doek gebruikt (1) dat aangesloten werd aan een ‘blote’ inox douchegoot. Op de vloer werden gerectificeerde (2) keramische tegels 60 cm x 60 cm verlijmd, op de wand 30/60-tigers van hetzelfde type in dezelfde kleur en tonaliteit (3). Tijdens de rondvraag ging de tegelzetter ervan uit dat hij geen fout had begaan en zijn tegelwerk had uitgevoerd volgens de regels van de kunst en het goede vakmanschap.

De eigenaar daarentegen stelde de aannemer-uitvoerder officieel in gebreke en wenst een oplossing voor de vochtschade alsook een volledige herstelling. De tijd voor een praktisch onderzoek was dus aangebroken onder leiding van de gerechtsdeskundige, die tot slot de verantwoordelijke(n) van het vochtfenomeen dient aan te duiden.

Destructief onderzoek

Men ziet meestal twee soorten experts op de werkvloer verschijnen, deze die vanop afstand eenvoudigweg algemene conclusies trekken, en deze die met hamer en beitel een gedetailleerd onderzoek uitvoeren en uitzoeken tot op het been wat er werkelijk aan de hand is. In voorkomend geval werd overeengekomen dat de tegelzetter van dienst het nodige materieel mee zou brengen met het oog op het uitbreken van enkele tegels ter controle van de onderliggende lagen. In de wetenschap dat bij een voorheen uitgevoerde vochtdetectiecontrole van de leidingen en afvoerbuizen geen lekkages waren gedetecteerd, werd ter hoogte van het hoogst gemeten restvocht in de buurt van de afvoergoot zowel enkele wand- als vloertegels voorzichtig verwijderd. Op die manier konden de nodige vaststellingen gemaakt worden.

Verschillende zichtbare anomalieën werden bijgevolg in vraag gesteld, waaronder:

  • 1. Het ontbreken van soepele voegen.

De aansluiting vloer/muur was ‘vastgezet’ met cementgebonden voegspecie. De vraag rees ook of de uitzettingsvoeg uit de dekvloer (volgens het beschikbare grondplan) ook in de vloer werd overgenomen. Naar aanleiding van een vloerverwarmingsplan kon men zien dat er inderdaad een uitzettingsvoeg ontbrak. De eerste ‘big mistake’ was een feit!

  • 2. Een zwakke overdracht van de tegellijm.

Zowel het waterdichtingsvlies als de tegels zelf vertoonden na het verwijderen duidelijke uitgeharde lijmrillen en al evenveel open kanalen. Hier kon men uit afleiden dat misschien 50% contact met tegellijm op de ondergrond was gemaakt en dat de buttering/floating-techniek (dubbele verlijming) zeker niet werd toegepast. 70% volplaatsing is een minimum vereiste in normale omstandigheden. In een douchecel is streven naar 100% contactoppervlak dan ook geen overbodige luxe. Men dient hiervoor de inschuif-drukmethode strikt toe te passen met een voldoende grote lijmkam en uiteraard de juiste tegellijm. Het advies van de fabrikant ter zake is steeds noodzakelijk en de keuze van het hechtmiddel zal sterk afhangen van de werkomstandigheden en de te gebruiken materialen op een welbepaalde ondergrond.

  • 3. Het ontbreken van de waterdichte hoekstukken.

Voorgefabriceerde kunststof binnenhoeken en waterdichtingsbanden zorgen voor het voorkomen van waterinsijpeling. Ze kunnen multifunctioneel zijn en spanningen overbruggen, en sommige soorten kunnen in beperkte mate laterale schuifbewegingen opnemen. De in casu zelfingeplooide hoeken zorgden duidelijk voor onthechting en waterinsijpeling, vooral ter hoogte van insnijdingen die de tegelzetter met zijn breekmes zelf had aangebracht.

  • 4. De dubieuze aansluiting van een polyethyleen (4) waterdichtingsdoek.

In principe zijn er twee goede manieren om naden te dichten. Enerzijds kan men de waterdichtingsdoeken tegen elkaar plaatsen en de naad indien vereist dichten met een overlappende band. Anderzijds kan men pansgewijs minimum 5 cm overlappen zodat het water bij eventuele onthechting nooit tussen de twee lagen door kan lopen. In voorkomend geval waren de overlappingen slechts één centimeter over elkaar verlijmd met gewone tegellijm, waarbij het water zijn weg kon vinden via de capillariteit van de tegellijm en de aanwezige lijmkanalen.

  • 5. Een losgekomen verbinding op de boord van de afvoergoot bestaande uit RVS (5) of inox.

De vloerlegger van dienst had zelf het initiatief genomen om zijn contactafdichting aan de boord van de afvoergoot aan te sluiten met een MS-polymeerverbinding (6) + (7). Echter had hij één belangrijke voorbehandeling vergeten: het ontvetten en in het bijzonder het vooraf opschuren van het RVS. Dit laatste is zeer belangrijk om de hechting met een polyethyleen afdichtingsvlies te verzekeren. Maar sowieso is dit voor de tegelzetter een grote verantwoordelijkheid. Het ware beter geweest een afvoergoot te plaatsen met een door de fabrikant zelf voorgemonteerde waterdichte flens of flap. Op die manier neemt men minder risico door het feit dat de aansluiting met meer zekerheid kan gebeuren en waterlekken na een goede montage op lange termijn zo goed als zeker uitgesloten zijn. Zo is de kans klein tot onbestaande dat de tegelzetter daar in de fout gaat, vermijdt hij dergelijke expertises, kan hij op z’n twee oren slapen, en loopt het douchewater waar het lopen moet…


Extra cijferduiding

(1) Welke zijn de meest gangbare mogelijkheden om een douchecel waterdicht te maken?

Naast het gebruik van polyethyleen contactafdichting zijn veel voorkomende alternatieven op de markt beschikbaar:

– Gecementeerde bouwplaten uit een kern van polystyreen: geëxpandeerd (vb. Lux Elements) of geëxtrudeerd (vb. IS0X)

– Vloeibare waterdichting, met name de eenvoudig uitstrijkbare pasta’s.

(2) Wat is het verschil tussen een gerectificeerde en een gekalibreerde keramische tegel?

Een gekalibreerde tegel wordt gesorteerd op maat naargelang de eindkrimp die de tegel onderging na het bakproces. De ene tegel zal wat meer of minder krimpen dan de andere en worden i.f.v. de krimp gesorteerd. Gekalibreerde tegels kunnen steeds een heel kleine maatafwijking (toegelaten tolerantie) vertonen.

Een gerectificeerde keramiektegel daarentegen is perfect op maat gezet. Men polijst de tegelranden van alle tegels achteraf gelijk zodat ze perfect dezelfde afmetingen hebben en met een fijne voeg geplaatst kunnen worden.

(3) Wat is het verschil tussen de kleur en de tonaliteit van een tegel?

De tonaliteit of nuance van een tegel kan verschillen naarmate het ‘bad’ waarin ze geproduceerd werden. Elke ‘charge’ of serie zal wel dezelfde kleur hebben maar de nuance zal ongetwijfeld lichtjes afwijken. Dit kan zowel donkerder of lichter van tint zijn.

(4) Wat is polyethyleen?

Polyetheen is een veel gebruikt polymeer – zie (6). Dit materiaal heeft een hoge elektrische weerstand wat inhoudt dat PE geen stroomgeleider is. Polyetheen (de nieuwe benaming van polyethyleen) is een isolator en neemt in korrelvorm quasi geen water op. In combinatie met andere kunststofvezels is het in vliesvorm waterdicht.

(5) Wat is RVS?

Met RVS of roestvast staal wordt ook naar inox verwezen. Dit is een legering van hoofdzakelijk ijzer, chroom, nikkel en koolstof. Dergelijk materiaal dient voorbehandeld te worden (lees: vooral ruw geschuurd) vooraleer er iets aan vastgekit kan worden.

(6) Wat is een polymeer?

Een stof waarbij de moleculen die oorspronkelijk mogelijk een vloeistof vormden zich zodanig aaneen geregen hebben dat er min of meer een vaste stof is ontstaan. De meeste plastics of kunststoffen zijn polymeren.

(7) Wat is nu een MS-polymeer?

… of Silaan-gemodificeerde polyether-polymeer, is bijzonder geschikt voor elastische afdichtingsmiddelen (dilatatievoegen). Door behulp van de aanwezige luchtvochtigheid dicht dit middel perfect af. Een MS-polymeer is UV-bestendig, overschilderbaar en heeft een grote uitzettingscapaciteit. Dit type ‘silicone’ wordt veel gebruikt door de tegelzetter wegens zijn specifieke eigenschappen zoals afdichting, hoge elasticiteit, UV- en weersbestendig, overschilderbaar, perfecte hechting op talrijke ondergronden, geen blaasvorming, geschikt voor natuursteen, en geurloos.


Tekst + foto’s: tileXpert